Archiefdocument
Origineel
A F S C H R I F T E N
RAPPORT
Rapporteeren ondergeteekenden het navolgende:
Op Zaterdag 29 Juni 1940, des namiddags te ongeveer 4.15 uur werden wij door den brigadier wachtcommandant gezonden naar den Baarsjesweg alhier, waar een schip, genaamd "Henja", schipper Adriaan v. d. Klooster, geboren 17 Juli 1899 te St.Annaland, en aldaar gedomicilieerd, geladen met aardappelen gemeerd lag en volgens den ter plaatse aanwezigen directeur van het Marktwezen buiten de Centrale Markthallen aardappelen zou hebben gelost. De schipper van het vaartuig verklaarde ons, dat hij door veelvuldig voorschutten van zandbakken, bestemd voor de Duitsche militaire autoriteiten, reeds een geruimen tijd op schutten lag te wachten en zijn reis naar Badhoevedorp niet kon vervolgen. De eigenaar van de vracht aardappelen, genaamd van Egmond, wonende Nieuwe Meerdijk 261 te Haarlemmermeer was om die reden begonnen met het lossen en vervoeren van de aardappelen en had volgens verklaring van den schipper reeds enkele vrachten binnen deze gemeente bij handelaren bezorgd. De schipper verklaarde ons verder wel te weten, dat alleen aardappelen mochten worden gelost aan de Centrale Markthallen, doch hij van de chef-sluiswachter vergunning had om daar ter plaatse te lossen. De chef-sluiswachter, genaamd J.Lindenaar, verklaarde ons echter wel vergunning te hebben gegeven om te lossen, doch niet te weten dat er aardappelen werden gelost, daar hij anders den schipper naar de Centrale Markthallen had verwezen. De schipper is op onzen last, direct opgevaren in de richting Nieuwe Meer, en heeft te plm. 6.30 uur de schutsluis verlaten.
De directeur van het Marktwezen verzocht een onderzoek in te stellen naar de adressen waar door van Egmond de aardappelen hier ter stede zijn gebracht en waar de verdere vracht door van Egmond is heengebracht.
Aangezien de eigenaar van de aardappelen niet aanwezig was en buiten deze gemeente woonachtig is hebben rapporteurs hem niet kunnen hooren.
Rapporteurs hebben geen aardappelen zien lossen noch vervoeren door van Egmond.
Amsterdam, 8 Juli 1940.
De agenten van politie voornoemd,
w.g. H.van Schie
" W.Groenevelt
.-.-.-.-.- .- .
Amsterdam, 5 Juli 1940
Naar aanleiding van rapport dd. 1 Juli 1940, opgemaakt door de agenten van politie van Schie en Groenevelt, in verband met het lossen van aardappelen uit een schip liggende Baarsjesweg alhier, de eigenaar van genoemd schip met aardappelen, genaamd: Adriaan v.d. KLOOSTER, geboren te St.Annaland, 17 Juli 1899, gedomicilieerd te St.Annaland, werd deze schip per door mij gehoord. Klooster verklaarde, dat hij om 7.30 uur reeds bij de Overtoomsche Schutsluis lag en om plm. 4 uur nam., gelegenheid kreeg om te schutten. Daar de eigenaar van de aardappelen niet langer kon wachten met lossen, daar zijn klanten stonden te wachten, heeft zij zijn personeel opdracht gegeven om te lossen.
De aardappelen zijn naar de navolgende adressen vervoerd:
hier ter stede naar Jaspers, wonende J.v.Lennepkade, nr. onbekend;
2 gedeelten zijn vervoerd naar Duivendrecht en Diemen, terwijl de rest der lading naar zijn woning is vervoerd. De eigenaar der aardappelen is genaamd Gerardus Cornelis van Egmond, geboren te Haarlemmermeer, 3 October 1902, van beroep aardappelenhandelaar, wonende Nieuwe Meerdijk 261 te Haarlemmermeer, Badhoevedorp.
GEZIEN:
De Hoofdinspecteur van Politie,
Chef in de 3e Sectie, 2e Afd,
[handtekening]
De agent van politie
w.g. Th. de Klerk
--- Dit document bevat twee afschriften van politierapporten die betrekking hebben op een overtreding van de marktvoorschriften in Amsterdam kort na het begin van de Duitse bezetting.
- Het Incident: Op 29 juni 1940 wordt geconstateerd dat het schip "Henja" aardappelen lost aan de Baarsjesweg. Dit is in strijd met de regels, aangezien dergelijke goederen verplicht via de Centrale Markthallen verhandeld en gelost moeten worden om de distributie en controle te waarborgen.
- De Verdediging: De schipper (Van d. Klooster) en de handelaar (Van Egmond) voeren tijdsgebrek aan als reden. De schipper zat urenlang vast bij de sluis omdat "zandbakken" voor het Duitse leger voorrang kregen bij het schutten (het passeren van de sluis).
- De Rol van de Autoriteiten: De directeur van het Marktwezen dringt aan op onderzoek. Er is sprake van verwarring of miscommunicatie met de sluiswachter (Lindenaar), die beweert niet te hebben geweten dat de lading uit aardappelen bestond.
- Resultaat: Een tweede rapport van 5 juli identificeert de afnemers (o.a. Jaspers aan de J.v. Lennepkade) en de exacte gegevens van de handelaar Van Egmond.
--- Dit document biedt een interessant inkijkje in de logistieke en bureaucratische realiteit in Amsterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog:
- Duitse Bezetting: De vermelding van "zandbakken, bestemd voor de Duitsche militaire autoriteiten" die voorrang krijgen, laat zien hoe de bezettingsmacht direct invloed had op het dagelijks leven en de lokale economie door de infrastructuur (sluizen) op te eisen.
- Voedseldistributie: In 1940 werden de regels rondom voedselvoorziening strenger. Het verplicht lossen bij de Centrale Markthallen was bedoeld om zwarte handel te voorkomen en te zorgen dat de overheid grip hield op de beschikbare voorraden.
- Lokale Geografie: De genoemde locaties (Baarsjesweg, Overtoomsche Schutsluis, Nieuwe Meer, Badhoevedorp) schetsen de vaarroute van de aardappelen vanuit de polder naar de stad.
- Ambtelijke Nauwkeurigheid: Ondanks de oorlogssituatie bleef het politieapparaat functioneren met een hoge mate van administratieve nauwkeurigheid, inclusief het verifiëren van geboortedata en woonadressen van alle betrokkenen. H. van Schie J. Lindenaar W. Groenevelt Marktwezen Politie