Rapportage/Ambtelijk rapport betreffende een vergunningsaanvraag.
Origineel
Rapportage/Ambtelijk rapport betreffende een vergunningsaanvraag. 12 november 1940 (met afhandeling tot 18 november 1940). [Getypte tekst]
Nº 53/76/M. 1940 19/11
R A P P O R T
H.J. de Leeuw, oud 24 jaar en wonende Zwanenburgerdijk 482 te Halfweg, verzoekt om een kooperskaart voor de Centrale Markt.
De Leeuw is reeds eenige jaren als personeel werkzaam bij zijn vader, P. de Leeuw en verzorgt voor dezen een vaste wijk in het stadsdeel West. Zijn vader is in het bezit van een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit onder K. 55501, terwijl ook aan hem een erkenning is uitgereikt als kleinhandelaar in aardappelen. Voorheen kochten zij hun aardappelen rechtstreeks van den boer en hun groenten op de veiling te Halfweg. In de gegeven omstandigheden zou het normaal zijn als P. de Leeuw voor zichzelf een kooperskaart en voor zijn zoon een personeelskaart aanvraagt. Waar P. de Leeuw exhter nimmer de markt zal bezoeken en hij zijn zoon gemachtigd heeft van zijn erkenningen gebruik te maken verzoekt l atstgenoemde om een kooperskaart.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen
Amsterdam 12 November 1940
Controleur,
[Handgeschreven aantekeningen links]
[Handtekening]
afgedaan
bes 17/11-40 [Handtekening]
Kan kooperskaart krijgen
Koop. Bes 17/11 40 acc [Paraaf]
[Handgeschreven aantekeningen rechts]
[Handtekening, mogelijk F. Uithuisen]
Kooperskaart 7068
uitgereikt 18/11-40 Dit document betreft een aanvraag voor een zogenaamde ‘kooperskaart’ voor de Amsterdamse Centrale Markt door H.J. de Leeuw. De aanvrager werkt in de zaak van zijn vader, die een wijk in Amsterdam-West bedient. Hoewel de vader de officiële vergunninghouder (erkenning K.55501) is, wordt beargumenteerd dat de zoon de kaart op zijn eigen naam moet krijgen.
De reden hiervoor is praktisch: de vader bezoekt de markt nooit zelf, en de handelswijze is veranderd. Waar voorheen direct bij boeren of op de lokale veiling in Halfweg werd ingekocht, moet men nu blijkbaar naar de Centrale Markt in Amsterdam. De controleur adviseert positief omdat de zoon feitelijk al het inkoopwerk doet en hiertoe door zijn vader gemachtigd is.
De administratieve afhandeling is zichtbaar in de kantlijnen: op 17 november 1940 wordt het besluit genomen ("Kan kooperskaart krijgen") en op 18 november 1940 wordt kaart nummer 7068 daadwerkelijk uitgereikt. Het document dateert van november 1940, zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter de distributie van voedsel en de handel in levensmiddelen steeds strakker te reguleren. Het feit dat de handelaren niet langer rechtstreeks bij de boer konden inkopen, maar aangewezen waren op de Centrale Markt, past in dit beeld van centralisatie en controle.
De "erkenning" (vergunning) onder een specifiek nummer wijst op de toenemende bureaucratisering van de detailhandel. Voor kleine familiebedrijven, zoals die van De Leeuw, betekende dit dat elke stap in het handelsproces officieel vastgelegd en goedgekeurd moest worden door instanties zoals het Marktwezen. De kooperskaart was essentieel om toegang te krijgen tot de groothandel en zo de voorraad voor hun wijk in Amsterdam-West veilig te stellen. F. Uithuisen H.J. de Leeuw P. de Leeuw Marktwezen