Archiefdocument
Origineel
21 november 1940. Johan Pastor, woonachtig aan de Reestraat 1-II te Amsterdam. Waarschijnlijk de directie van het Gemeentelijk Marktwezen Amsterdam (gezien de stempel "M. 1940" en de inhoud). Nº 53/78/ M.1940 22/11
21-11-40
niet bekend
Weledele Heer.
Ik ben zoo vrij u te schrijven.
Mijnheer zou ik van U een bewijs
kunnen krijgen een kruiwagentrekkerskaart.
Ik sta altijd voor het hek maar daar kan ik
op het oogenblik niks verdienen dus zou ik zoo'n
kaart kunnen krijgen om op de markthallen te komen
Ik hoop van U een goed antwoord terug te
mogen ontvangen.
Hoogachtend
Johan Pastor
adres.
J. Pastor.
Reestraat 1. II
Amsterdam.
centrum. * Inhoud: In deze brief verzoekt Johan Pastor om een officiële vergunning, een zogenaamde "kruiwagentrekkerskaart". Hij legt uit dat hij momenteel buiten de poorten ("voor het hek") van de markthallen staat te wachten op werk, maar dat hij daar momenteel niets verdient. Met de kaart zou hij toegang krijgen tot het terrein van de markthallen om daar als sjouwer of transporteur met een kruiwagen zijn brood te verdienen.
* Taal en Stijl: De brief is geschreven in een beleefde, enigszins formele toon ("Weledele Heer", "ben zoo vrij u te schrijven"), wat typerend is voor de correspondentie met overheidsinstanties in die tijd. Het handschrift is duidelijk en de spelling hanteert de toen gebruikelijke vormen (zoals "zoo" en "oogenblik").
* Bijzonderheden: De aantekening "niet bekend" in de rechterbovenhoek suggereert dat de ambtenaar die de brief behandelde de afzender niet kon terugvinden in de registers van het marktwezen, of dat de aanvraag op een of andere manier niet direct gehonoreerd kon worden. * Historische periode: De brief dateert van november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Locatie: De "markthallen" waarnaar verwezen wordt, zijn de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam-West. Dit was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad.
* Sociaal-economische achtergrond: De brief is een getuigenis van de economische overlevingsdrang tijdens de bezettingsjaren. Voor veel Amsterdammers uit volksbuurten zoals de Jordaan (waar de Reestraat ligt) was fysieke arbeid op de markt een belangrijke bron van inkomsten. Toegang tot de markthallen was echter strikt gereguleerd met vergunningen om de orde en de controle op de goederenstromen te handhaven. Het missen van zo'n kaart betekende in die tijd vaak bittere armoede. J. Pastor Marktwezen