Getypte brief op doorslagpapier (kopie).
Origineel
Getypte brief op doorslagpapier (kopie). 19 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een overkoepelende gemeentelijke dienst). ter Mr. Müller
HG.
Marouder [?] 10/9-140
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
60/5/8 M. 2 19 September 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een contract in duplo
te doen geworden ten name van de N.V. Algemeene Vruchten Import
Maatschappij betreffende huur van een voor kantoor bestemde ruimte
in de hal op de Centrale Markt No. V 69.
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van dit
contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen en mij het
daarna te doen retourneeren; dezerzijds kan dan voor registratie
worden zorggedragen.
De Directeur, Deze ambtelijke brief betreft de formele afhandeling van een huurovereenkomst. De directeur van de betreffende dienst (waarschijnlijk de Centrale Markt van Amsterdam) stuurt een contract in tweevoud naar de Wethouder voor Levensmiddelen. Het contract is bedoeld voor de 'N.V. Algemeene Vruchten Import Maatschappij', die een kantoorruimte (No. V 69) wil huren in de hal van de Centrale Markt.
De brief volgt de formele hiërarchie van die tijd: de directeur verzoekt de wethouder om ervoor te zorgen dat de burgemeester het contract ondertekent. Na ondertekening moet het stuk terug naar de directeur voor de definitieve registratie. Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer", "Ik moge U beleefd verzoeken"). De brief is gedateerd op 19 september 1940, slechts vier maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markthallen in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) waren van vitaal belang voor de voedselvoorziening van de stad. De portefeuille 'Levensmiddelen' was in oorlogstijd een van de meest cruciale en complexe onderdelen van het gemeentebestuur vanwege de toenemende schaarste en distributiemaatregelen.
De betrokken partij, de N.V. Algemeene Vruchten Import Maatschappij, was een bedrijf dat afhankelijk was van internationale handel, een sector die door de oorlog en de blokkades zwaar onder druk stond. Deze brief toont aan dat, ondanks de bezetting, de reguliere gemeentelijke bureaucratie en de verhuur van bedrijfspanden op het marktterrein vooralsnog hun normale doorgang vonden. De handgeschreven aantekening "ter Mr. Müller" verwijst mogelijk naar een specifieke ambtenaar of jurist die de zaak verder moest afhandelen.