Doorslag van een officiële ambtelijke brief (typscript met handgeschreven kanttekeningen).
Origineel
Doorslag van een officiële ambtelijke brief (typscript met handgeschreven kanttekeningen). 19 december 1939. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke afdeling zoals Financiën of Secretarie). [Handgeschreven, rechtsboven:]
ter. Hr. Siema
ter. Hr. Müller
[Getypt, linksboven:]
VP/HG.
62/13/6 M.
[Handgeschreven, midden:]
Verzonden 19/12-'39
[Getypt, rechtsboven:]
19 December 1939.
[Adresblok:]
den Heer Directeur der
Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r .
[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 19 October jl.
(No.10342/Doss.289 U) heb ik de eer U te berichten, dat Burge-
meester en Wethouders van oordeel zijn, dat de kosten van het
door U bedoelde herstel van de dakbedekking der hal op de Cen-
trale Markt ten laste moeten komen van de begrooting voor het
dienstjaar 1940. Ik verzoek U beleefd mij te zijner tijd op-
gave te doen verstrekken van het bedrag, dat werkelijk benoo-
digd zal zijn voor het bedoelde herstel; indien dat bedrag
binnen redelijke grenzen blijft, zal ik U een bon doen toekomen
voor de uitvoering der werkzaamheden.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Onderwerp: De financiering van herstelwerkzaamheden aan het dak van de hal op de Centrale Markt.
* Besluitvorming: Het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) heeft bepaald dat de kosten niet in het lopende jaar (1939), maar op de begroting van het volgende jaar (1940) geboekt moeten worden.
* Procedure: De Directeur der Publieke Werken moet eerst een definitieve kostenopgave indienen. Pas als dit bedrag "binnen redelijke grenzen" valt, wordt er een officiële opdracht ("bon") verstrekt om het werk uit te voeren.
* Administratieve kenmerken: De handgeschreven initialen of namen bovenin duiden op interne circulatie binnen de afdeling. De aantekening "Verzonden" met datum bevestigt de daadwerkelijke verzending van de brief. * Tijdsgewricht: December 1939. Nederland verkeert in een staat van mobilisatie, maar het dagelijks bestuur en onderhoud van de stad gaan nog op de reguliere, bureaucratische wijze door. De brief is geschreven slechts vijf maanden voor de Duitse inval in mei 1940.
* Locatie: De term "Centrale Markt" en de adressering aan het "Raadhuis, Alhier" suggereren een grote Nederlandse gemeente met een centrale markthal, zeer waarschijnlijk Amsterdam (gezien de omvang van de administratie en de specifieke aanduiding van de Centrale Markthallen).
* Historisch belang: Het document illustreert de zorgvuldige begrotingsdiscipline van de overheid in die tijd; zelfs noodzakelijk onderhoud aan publieke infrastructuur werd strikt per begrotingsjaar en na goedkeuring van B&W afgehandeld.