Conceptbrief (klad) met diverse handgeschreven correcties.
Origineel
Conceptbrief (klad) met diverse handgeschreven correcties. 18 augustus 1939. Noot: Doorhalingen zijn weergegeven met een streep erdoorheen; invoegingen tussen ^tekens^.
[Linksboven in rood/potlood:] 18/8/39/B5 4 doorsl.
[Groot in rood middenboven:] 72/60/2
[Zwart:] Concept
MNo
Overlast v. venters met strikjes.
[Rechtsboven:] A'dam 18 Augustus 1939
W.E.H.
[Linker kantlijn:]
No. 566/Cul. 1939
[Lager in de kantlijn:]
Zo om vorenstaande reden aan de orde te stellen, Rapporteert. 10-8-39 [paraaf] in de Commissie
[Hoofdtekst:]
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 15 Juli j.l. ~~om advies ontvangen~~ stukken, heb ik de eer U te berichten, dat ik mij vereenig met het zich onder deze stukken bevindende rapport van den Hoofdcommissaris van Politie d.d. 5 Juli j.l. (Afd. 5, No. 6103/1939, Dossier K.2/V.6.a. Groep B), ~~Deswege is ernstig overwogen of het~~ Hoewel ik verneem, dat ook wanneer de voorgestelde aanvulling der Algemeene Politieverordening ~~al-is~~ tot stand komt, het onderhavige euvel niet ~~afdoende~~ ^voldoende^ ~~wordt~~ ^zal worden^ bestreden. Daartoe zou ^aansluitende^ controle van ~~per~~ ^met^ niet-geüniformeerd personeel noodzakelijk zijn, ~~waar~~ het Marktwesen ~~echter^ heeft hiervoor geen ambtenaren beschikbaar. ~~De marktcontroleurs doen in den regel dienst in uniform en het is~~
Zeer tot mijn spijt is het ^ook^ niet mogelijk dat dezerzijds eens wordt nagegaan, wie de overtreders zijn, teneinde tegen deze personen te kunnen optreden. ~~Het~~ ^Naar mij^ ter oore kwam ~~treden~~ trouwens nagenoeg alle ~~houders van een ventvergunning, die~~ ^houders van een ventvergunning, die^ ~~strikjes en speldjes verkoopen,~~ af en toe al te opdringerig op. Waarschijnlijk worden zij daartoe door onderlinge concurrentie gedreven.
De meest afdoende oplossing lijkt mij, om de ventvergunning niet meer voor speldjes, strikjes e.d. te doen gelden. Op ^nationale^ feestdagen, wanneer ^naar^ dergelijke strikjes inderdaad vraag bestaat, pleegt het venten ermede aan ieder te worden toegestaan; op de overige dagen is dit "venten" niet veel beter dan een soort bedelarij. Wellicht vindt U aanleiding het omtrent de door mij voorgestelde oplossing ^het^ advies te vragen van de Permanente Commissie voor advies inzake ventvergunningen. In dat geval zie ik gaarne Dit document is een ambtelijk concept waarin een oplossing wordt gezocht voor de overlast van "strikjesventers" in Amsterdam. De kern van het probleem is tweeledig:
1. Handhaving: De politie en marktcontroleurs werken in uniform. Zodra zij verschijnen, passen de venters hun gedrag aan. Voor effectieve controle is personeel in burger ("niet-geüniformeerd") nodig, maar de afdeling Marktwezen heeft hiervoor geen capaciteit.
2. Aard van de handel: De schrijver stelt dat de verkoop van strikjes en speldjes op normale dagen feitelijk een verkapte vorm van bedelarij is, gedreven door felle onderlinge concurrentie.
De voorgestelde beleidswijziging is rigoureus: het structureel verbieden van ventvergunningen voor dit soort artikelen, behalve op nationale feestdagen (zoals Koninginnedag), wanneer er een natuurlijke behoefte aan is. De schrijver adviseert dit voorstel voor te leggen aan een gespecialiseerde adviescommissie. Het document dateert van augustus 1939, een periode waarin Nederland nog kampte met de naweeën van de economische wereldcrisis. Venten was voor velen een laatste manier om aan de werkloosheid te ontsnappen, wat leidde tot een wildgroei aan straathandel en daarmee gepaard gaande overlast.
Tegelijkertijd is de tijdsgeest voelbaar in de referentie naar "nationale feestdagen". In de late jaren '30 was er, mede door de internationale spanningen en de dreiging van nazi-Duitsland, een sterke nadruk op nationale eenheid en uitingen van vaderlandsliefde (waaronder het dragen van strikjes en speldjes in de nationale kleuren). De overheid balanceerde hier tussen het toestaan van deze symboliek en het handhaven van de openbare orde in de drukke Amsterdamse straten.