Getypte brief (doorslag of afschrift).
Origineel
Getypte brief (doorslag of afschrift). 8 mei 1940 (verzending), 9 mei 1940 (stempel van ontvangst/verwerking). De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de verwijzing naar het Raadhuis van Amsterdam). dpl. (dienstplichtig) soldaat A.J. Kroes, gelegerd bij 2-II 10 R.I. (2e compagnie, IIe bataljon, 10e Regiment Infanterie), Veldpost 2. Handgeschreven (blauw potlood/pen): Fr. Muller
Rond stempel met symbool
Datumstempel: - 9 MEI 1940
VP/DV.
72/35/2 M.
8 Mei 1940.
den dpl. soldaat A.J.Kroes,
2-II 10 R.I.,
Veldpost 2.
Naar aanleiding van Uw briefkaart ingekomen op 7
dezer bericht ik U, dat Uw ventvergunning kan worden vernieuwd,
zoodra U uit den militairen dienst zult zijn ontslagen. Met Uw
verzoek om restitutie van een deel van het door U betaalde vent-
geld over het boekjaar 1939/1940 kunt U zich desgewenscht wen-
den tot het Gemeentebestuur van Amsterdam, Raadhuis alhier.
De Directeur, Deze brief is een zakelijke mededeling aan een gemobiliseerde soldaat betreffende zijn civiele beroepsuitoefening. Soldaat Kroes heeft vanuit zijn militaire standplaats een verzoek ingediend (per briefkaart op 7 mei) over zijn ventvergunning. Hij wilde waarschijnlijk weten of hij deze kon behouden en of hij geld terug kon krijgen voor de periode dat hij door zijn militaire dienstplicht niet kon venten (straatverkoop).
De directeur antwoordt dat de vergunning pas vernieuwd kan worden na zijn ontslag uit militaire dienst. Voor de terugbetaling van het reeds betaalde "ventgeld" (leges voor de vergunning) over het lopende boekjaar wordt hij doorverwezen naar het Gemeentebestuur van Amsterdam. De toon is strikt formeel en bureaucratisch, typerend voor de Nederlandse overheid in die periode. De datum van deze brief, 8 mei 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts twee dagen voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Op het moment dat deze brief werd getikt, heerste er in Nederland een staat van mobilisatie en grote spanning.
De geadresseerde, A.J. Kroes, maakte deel uit van het 10e Regiment Infanterie (10 R.I.). Dit regiment was tijdens de mobilisatie onder meer gelegerd in de omgeving van de Grebbeberg en de Betuwe. Veldpost 2 was het postadres voor troepen in dit gebied.
De brief illustreert hoe de normale civiele bureaucreatie bleef doorgaan, zelfs aan de vooravond van de oorlog. Voor soldaat Kroes was zijn bron van inkomsten na de diensttijd een zorg die hij probeerde te regelen terwijl hij aan het front lag te wachten op een mogelijke aanval. Het document toont de intersectie tussen het dagelijks leven (werk en inkomen) en de buitengewone omstandigheden van de dreigende wereldbrand. A.J. Kroes
Samenvatting
Deze brief is een zakelijke mededeling aan een gemobiliseerde soldaat betreffende zijn civiele beroepsuitoefening. Soldaat Kroes heeft vanuit zijn militaire standplaats een verzoek ingediend (per briefkaart op 7 mei) over zijn ventvergunning. Hij wilde waarschijnlijk weten of hij deze kon behouden en of hij geld terug kon krijgen voor de periode dat hij door zijn militaire dienstplicht niet kon venten (straatverkoop).
De directeur antwoordt dat de vergunning pas vernieuwd kan worden na zijn ontslag uit militaire dienst. Voor de terugbetaling van het reeds betaalde "ventgeld" (leges voor de vergunning) over het lopende boekjaar wordt hij doorverwezen naar het Gemeentebestuur van Amsterdam. De toon is strikt formeel en bureaucratisch, typerend voor de Nederlandse overheid in die periode.
Historische Context
De datum van deze brief, 8 mei 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts twee dagen voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Op het moment dat deze brief werd getikt, heerste er in Nederland een staat van mobilisatie en grote spanning.
De geadresseerde, A.J. Kroes, maakte deel uit van het 10e Regiment Infanterie (10 R.I.). Dit regiment was tijdens de mobilisatie onder meer gelegerd in de omgeving van de Grebbeberg en de Betuwe. Veldpost 2 was het postadres voor troepen in dit gebied.
De brief illustreert hoe de normale civiele bureaucreatie bleef doorgaan, zelfs aan de vooravond van de oorlog. Voor soldaat Kroes was zijn bron van inkomsten na de diensttijd een zorg die hij probeerde te regelen terwijl hij aan het front lag te wachten op een mogelijke aanval. Het document toont de intersectie tussen het dagelijks leven (werk en inkomen) en de buitengewone omstandigheden van de dreigende wereldbrand.