Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 24 mei 1940. Mevr. A.C. Smit-Groen, namens haar echtgenoot Josephus Smit. 24 Mei. 1940 Aalsmeer.
No 72/46 / M. 1940 27/5
[In marge rechtsboven:] uittreksel [met een omcirkelde M]
Geachte Mijnheer!
Uit naam van den venter
Josephus Smit. geb: 25-3-1904.
wonende Oosteinderweg. 432. Aalsmeer.
die in 't bezit is van een ventver_
gunning van de Gem: Amsterdam.
No 03238_ Serie 22. No 133.
en die hij graag zou willen
behouden en vernieuwen, ben ik
" zijn vrouw. A. C. Smit Groen."
zoo vrij dit schrijven tot U te
richten.
Daar mijn man op 't oogenblik
militair is maar hoopt spoedig
gedemobiliseerd te worden, om
dan weer met venten zijn brood
te verdienen, vraag ik U beleefd
of U zoo goed wil zijn mij te
willen schrijven wat ik in dit
[Rechtsonder:] 72 In deze brief verzoekt A.C. Smit-Groen om informatie over de verlenging van de ventvergunning van haar echtgenoot, Josephus Smit. Uit de tekst blijkt dat zij dit namens hem doet omdat hij op dat moment nog als militair in dienst is.
De kernpunten van de brief zijn:
* Livelihood: De vergunning is essentieel voor het gezin om na de mobilisatie weer in hun levensonderhoud te kunnen voorzien ("zijn brood te verdienen").
* Administratieve details: De brief bevat specifieke details over de vergunning (No 03238, Serie 22, No 133) uitgegeven door de Gemeente Amsterdam.
* Toon: De brief is geschreven in een zeer beleefde en formele stijl, typerend voor correspondentie met de overheid in die periode. De tekst breekt onderaan de pagina af, wat suggereert dat er een vervolgpagina was met de concrete vraagstelling of afsluiting. De datum van de brief, 24 mei 1940, is historisch zeer significant. Dit is slechts tien dagen na de Nederlandse capitulatie aan Nazi-Duitsland (14 mei 1940).
- Mobilisatie en demobilisatie: Josephus Smit was een van de vele duizenden Nederlandse mannen die gemobiliseerd waren voor de verdediging van het land. Na de capitulatie heerste er grote onzekerheid over wanneer deze soldaten naar huis mochten terugkeren. De brief weerspiegelt de wens om zo snel mogelijk het normale civiele leven en economische activiteit te hervatten.
- Economische overleving: Voor een zelfstandige 'venter' (straatverkoper) was het behoud van de juiste papieren cruciaal. Te midden van de chaos van de eerste bezettingsdagen probeert dit gezin proactief hun legale status en inkomen voor de nabije toekomst veilig te stellen.
- Archivarisnotitie: Het stempel bovenin en de handgeschreven aantekeningen wijzen op een zorgvuldige administratieve verwerking door de ontvangende instantie in Amsterdam, ondanks de recente machtswisseling in het land. A.C. Smit C. Smit Gemeente Amsterdam