Ambbtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("Alg. Zaken Model No. 14").
Origineel
Ambbtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("Alg. Zaken Model No. 14"). 27 mei 1940 (gestempeld en handgeschreven). [Stempel linksboven]
B I J B L A D V A N :
M. No. 72/46/1 1940
DOORGEZONDEN: 27/5 - '40.
[Handgeschreven tekst]
Terugzending serie 22 No 133
van den verlangde joodsche betrokkene
die uit den militairen dienst is ontslagen
en zijn beroep van rentenier weer hervat.
[Stempel rechtsonder de tekst]
27 MEI 1940
[Aantekening in rood potlood onderaan]
72/46/2 M
[Linksonder in kleine drukletters]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een korte administratieve melding over een specifiek persoon. De kern van de boodschap is dat een dossier (Serie 22 No 133) wordt geretourneerd omdat de betreffende persoon — expliciet aangeduid als "joodsche betrokkene" — inmiddels is ontslagen uit de militaire dienst en zijn burgerbestaan als rentenier heeft hervat.
Opvallend is de terminologie:
* "Joodsche betrokkene": Het gebruik van deze aanduiding op 27 mei 1940 is zeer vroeg. Het toont aan dat de administratieve classificatie van Joodse burgers direct na de capitulatie (15 mei 1940) al gaande was of werd voortgezet binnen de bestaande bureaucratie.
* "Rentenier": Dit duidt op een persoon van zekere welstand die kan leven van zijn vermogen of beleggingen, zonder te hoeven werken voor een loon.
* Archivering: De diverse nummers en stempels wijzen op een actieve dossierstroom tussen verschillende afdelingen in de chaotische begindagen van de bezetting. Dit stuk vormt een treffend voorbeeld van de vroege bureaucratische registratie tijdens de bezetting. Hoewel de grote anti-Joodse maatregelen pas later op gang kwamen, laat dit document zien dat de status van Joodse militairen of ex-militairen direct de aandacht had van de administratie. De datum, 27 mei 1940, markeert een overgangsperiode waarin het Nederlandse overheidsapparaat onder Duits toezicht (het Militärverwaltung) kwam te staan. De precieze registratie van "joodsche betrokkenen" in deze fase legde de administratieve basis voor de latere uitsluiting en vervolging. M. No
Samenvatting
Het document is een korte administratieve melding over een specifiek persoon. De kern van de boodschap is dat een dossier (Serie 22 No 133) wordt geretourneerd omdat de betreffende persoon — expliciet aangeduid als "joodsche betrokkene" — inmiddels is ontslagen uit de militaire dienst en zijn burgerbestaan als rentenier heeft hervat.
Opvallend is de terminologie:
* "Joodsche betrokkene": Het gebruik van deze aanduiding op 27 mei 1940 is zeer vroeg. Het toont aan dat de administratieve classificatie van Joodse burgers direct na de capitulatie (15 mei 1940) al gaande was of werd voortgezet binnen de bestaande bureaucratie.
* "Rentenier": Dit duidt op een persoon van zekere welstand die kan leven van zijn vermogen of beleggingen, zonder te hoeven werken voor een loon.
* Archivering: De diverse nummers en stempels wijzen op een actieve dossierstroom tussen verschillende afdelingen in de chaotische begindagen van de bezetting.
Historische Context
Dit stuk vormt een treffend voorbeeld van de vroege bureaucratische registratie tijdens de bezetting. Hoewel de grote anti-Joodse maatregelen pas later op gang kwamen, laat dit document zien dat de status van Joodse militairen of ex-militairen direct de aandacht had van de administratie. De datum, 27 mei 1940, markeert een overgangsperiode waarin het Nederlandse overheidsapparaat onder Duits toezicht (het Militärverwaltung) kwam te staan. De precieze registratie van "joodsche betrokkenen" in deze fase legde de administratieve basis voor de latere uitsluiting en vervolging.