Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 6
Dossier 39
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke notitie / Adviesbrief.

30 juni 1938 (gedateerd als 30-6-38).

Origineel

Ambtelijke notitie / Adviesbrief. 30 juni 1938 (gedateerd als 30-6-38). aan of in de onmiddellijke nabijheid van
de Jan Evertsenstraat.
Op deze ventersmarkt, zouden dan uitslui-
tend plaatsen moeten worden toegewezen aan
personen, die in het bezit zijn van een
ventvergunning. Toename van het aantal
straatkooplieden is dan uitgesloten.
Indien dit, bij wijze van proef in de
Jan Evertsenstraat zou kunnen worden
toegepast, kan dit, indien deze proef
slaagt, ook in andere deelen der stad,
waar zich venters verzamelen, worden
doorgevoerd.
Dergelijke ventersmarkten zullen:
1e de rust op straat bevorderen;
2e het politietoezicht verminderen;
3e de inkomsten der gemeente vermeerderen.
De marktgelden kunnen door de contro-
leurs worden geïnd.

30-6-38
De Moer [handtekening] De tekst is geschreven in een duidelijk, zakelijk handschrift dat kenmerkend is voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie. De auteur stelt een oplossing voor voor de problematiek van losse straatverkopers (venters) in de Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West.

De kern van het voorstel is regulering: door een vaste 'ventersmarkt' in te stellen, wordt de handel beperkt tot vergunninghouders. Dit dient drie doelen:
1. Openbare orde: Minder chaos op de stoepen en straten ('rust').
2. Efficiëntie: Het ontlast de politie omdat de handel op één plek geconcentreerd is.
3. Financieel: De gemeente kan actiever staangeld innen via marktcontroleurs.

Het document suggereert een pilot-project ('bij wijze van proef') dat bij succes stadsbreed uitgerold kan worden. In de jaren '30, tijdens de nasleep van de economische crisis, nam de ambulante straathandel in Amsterdam sterk toe als gevolg van hoge werkloosheid. Voor veel mensen was venten (het langs de deuren of op straat verkopen van goederen) een laatste middel van bestaan. De gemeente Amsterdam probeerde deze informele economie in te dammen en te reguleren om de concurrentie met gevestigde winkeliers te beperken en de verkeersdoorstroming te waarborgen.

De Jan Evertsenstraat was (en is) een belangrijke verkeersader en winkelstraat in de toen relatief nieuwe buurt 'Landlust' (onderdeel van Plan West). Het reguleren van de handel hier was essentieel voor het behoud van het moderne, ordelijke karakter van de nieuwe stadsuitbreidingen. De voorgestelde maatregel past in de bredere historische trend van het professionaliseren en bureaucratiseren van de marktsector in de 20e eeuw.

Samenvatting

De tekst is geschreven in een duidelijk, zakelijk handschrift dat kenmerkend is voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie. De auteur stelt een oplossing voor voor de problematiek van losse straatverkopers (venters) in de Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West.

De kern van het voorstel is regulering: door een vaste 'ventersmarkt' in te stellen, wordt de handel beperkt tot vergunninghouders. Dit dient drie doelen:
1. Openbare orde: Minder chaos op de stoepen en straten ('rust').
2. Efficiëntie: Het ontlast de politie omdat de handel op één plek geconcentreerd is.
3. Financieel: De gemeente kan actiever staangeld innen via marktcontroleurs.

Het document suggereert een pilot-project ('bij wijze van proef') dat bij succes stadsbreed uitgerold kan worden.

Historische Context

In de jaren '30, tijdens de nasleep van de economische crisis, nam de ambulante straathandel in Amsterdam sterk toe als gevolg van hoge werkloosheid. Voor veel mensen was venten (het langs de deuren of op straat verkopen van goederen) een laatste middel van bestaan. De gemeente Amsterdam probeerde deze informele economie in te dammen en te reguleren om de concurrentie met gevestigde winkeliers te beperken en de verkeersdoorstroming te waarborgen.

De Jan Evertsenstraat was (en is) een belangrijke verkeersader en winkelstraat in de toen relatief nieuwe buurt 'Landlust' (onderdeel van Plan West). Het reguleren van de handel hier was essentieel voor het behoud van het moderne, ordelijke karakter van de nieuwe stadsuitbreidingen. De voorgestelde maatregel past in de bredere historische trend van het professionaliseren en bureaucratiseren van de marktsector in de 20e eeuw.

Locaties

Betreft de Jan Evertsenstraat Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4