Ambtelijke rapportage / Brief
Origineel
Ambtelijke rapportage / Brief 22 augustus 1940 (Vermoedelijk een inspecteur of afdelingshoofd van het Marktwezen) Nº 72/75/2 M. 1940 22/8
Den Heer Directeur van het Marktwezen.
Jan Evertsenstraat.
In verband met het rapport van contrôleur Van Engelen d.d. 12 Juli jl. en den brief van den standplaatshouder G.P. Koning d.d. 2 Augustus jl. heb ik de eer U het volgende te rapporteeren.
In de Jan Evertsenstraat plegen te venten:
| Serie | No. | Naam | Adres | Artikel |
|---|---|---|---|---|
| 11 | 192 | S. Koot | J. Evertsenstr. 39 I | bloemen |
| 19 | 148 | A.v.d. Putte | Hondiusstraat 1 III | aard. groente en fruit |
| 11 | 228 | C. Korthoef | Blasiusstraat 127 I | groente en fruit |
| 9 | 144 | M. Hilster | Hudsonstraat 103 I | aard. groente en fruit |
| 18 | 159 | S. Schram | v. Spilbergenstr. 104 hs | aard. groente en fruit |
| 23 | 87 | J.W. van Tuyl | Mercatorstraat 99 III | aard. groente en fruit |
| 28 | 274 | J.J. Serno | Orteliusstraat 354 II | aard. groente en fruit |
| 14 | 22 | J.G. Kuyten | Cabralstraat 12 II | bloemen |
| 8 | 152 | J.W. Goossens | Bestevaerstr. 10 III | bloemen en planten |
| 13 | 104 | J. Kaaymolen | Lijnbaansgracht 41 I | aard. groente en fruit |
| 13 | 105 | K.D. Kaaymolen | Borgerstraat 3 III | aard. groente en fruit |
| 3 | 254 | P. de Vries | W. de Withstr. 147 III | bloemen en planten |
| 2 | 282 | H. Groenhuyzen | Orteliusstraat 70 I | aard. groente en fruit |
| 11 | 189 | R.J. Koot | Marnixstraat 137 III | bloemen en planten |
| 20 | 90 | J.M.H. Sandbergen | Marco Polostr. 246 III | bloemen |
| 21 | 49 | F.W. Peterson | Wenslauerstr. 46 hs | aard. groente en fruit |
| 28 | 234 | C.J. Staats | Jan Evertsenstr. 77 II | bloemen |
| 23 | 20 | G. Tingelaar | Orteliusstraat 304 hs | bloemen en planten |
| 4 | 91 | C.O. Wiltbret | Hudsonstraat 142 III | bloemen en planten |
| 4 | 12 | S.H. Brandse | Marco Polostr. 248 II | bloemen en planten |
| 23 | 181 | H.J. Vonk | Baffinstraat 41 II | bloemen en planten |
| 11 | 154 | G.A. Leeseman | Vespuccistraat 69 I | bloemen en planten |
| 14 | 94 | C.H.J. Langkemper | Balboastraat 14 I | bloemen en planten ∠ |
∠ niet verlengd 1940/1941.
Deze personen komen in het algemeen des morgens in de Jan Evertsenstraat; ze blijven den geheelen dag in deze straat en gaan, zoo mogelijk pas na de winkelsluiting naar huis. Venten, dat wil zeggen langzaam voortsukkelen, doen de heeren slechts, wanneer er een contrôleur in zicht is. Overigens nemen zij bijna permanent standplaats in op de hoeken der straten, welke de Jan Evertsenstraat kruisen. Dit nu is naar mijn meening een toestand, welke niet langer kan worden geduld. Niet alleen overtreden de onderhavige personen voortdurend artikel 344 a der Algemeene Politie Verordening, waardoor het noodig is, dat er regelmatig door personeel van den Dienst wordt gecontroleerd doch zij schaden tevens de standplaatshouders, die in deze straat zijn geplaatst, omdat zij bij voorkeur slechts enkele meters van deze punten met hetzelfde artikel een clandestiene standplaats innemen; bovendien gaan daardoor inkomsten voor het Marktwezen verloren.
Wanneer ik thans overga tot het aangeven van de verschillende mogelijkheden, die ter oplossing van het vraagstuk bestaan, moge ik in de eerste plaats verwijzen naar Uw rapport d.d. 27 Maart ’39 no. 76/4/1 M. aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen. Als slotconclusie gaf U toen in overweging, vooralsnog in de Jan Evertsenstraat geen maatregelen te nemen; de Wethouder heeft deze conclusie blijkbaar overgenomen want er is inderdaad niets gebeurd. Zooals ik hierboven reeds vermeldde, is het ongewenscht deze conclusie te handhaven.
A. Stichting van een dagmarkt in de Jan Evertsenstraat.
Deze oplossing kan ik niet aanbevelen; in de eerste plaats heeft een dagmarkt naar mijn meening geen levensvatbaarheid, omdat het aantal kooplieden te gering is (de bedoeling zou immers zijn de markt slechts open te stellen voor venters uit West), verder zouden de inkomsten, verkregen uit een dergelijke markt niet opwegen tegen de kosten (personeel en drukwerk); bovendien * Context van handhaving: Het document schetst een conflict tussen "venters" (mobiele handelaren) en "standplaatshouders" (handelaren met een vaste, vergunde plek). De schrijver klaagt dat de venters misbruik maken van de regels door stil te blijven staan op straathoeken ("clandestiene standplaats"), wat verboden is volgens artikel 344a van de APV (Algemeene Politie Verordening).
* Economisch aspect: Er is sprake van oneerlijke concurrentie. De illegale venters staan vlakbij de legale standplaatshouders en onttrekken inkomsten aan de gemeente (Marktwezen), omdat zij geen staangeld betalen.
* Beleidsmatige frictie: De schrijver uit kritiek op een eerder besluit uit 1939 om niet in te grijpen. Hij dringt aan op een actievere houding.
* Demografie: De lijst met namen en adressen toont aan dat de handelaren voornamelijk uit de omliggende buurt in Amsterdam-West komen (o.a. Orteliusstraat, Hudsonstraat, Vespuccistraat).
* Afwijzing dagmarkt: De auteur beargumenteert waarom een formele dagmarkt in de Jan Evertsenstraat geen goed idee is: te weinig animo, te hoge kosten en beperkte doelgroep (alleen voor venters uit West). Dit document stamt uit augustus 1940, slechts enkele maanden na de Duitse inval in Nederland. Hoewel de bezetting is begonnen, draait de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam op dit punt nog grotendeels op de vooroorlogse voet door. De focus ligt hier op de ordening van de openbare ruimte en de lokale economie. De Jan Evertsenstraat was (en is) een belangrijke winkelstraat in Amsterdam-West. In deze periode was er door de oorlogssituatie en beginnende schaarste een toenemende druk op de handel in levensmiddelen (aardappelen, groente, fruit), wat de toename van het aantal "wild-venters" kan verklaren. De genoemde "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in die tijd een cruciale post in verband met de voedselvoorziening in de stad.