Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 146
Dossier 17
Jaar 1940
Stadsarchief

Officieel schrijven / Brief (Blad 2).

24 september 1940.

Origineel

Officieel schrijven / Brief (Blad 2). 24 september 1940. [Logo linksboven: KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN AMSTERDAM]

AAN: den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch-
en schoonmaak, bad- en zweminrichtingen

D.D. 24 September 1940. BLAD: 2.


king van het aantal venters aan de bestaande bezwaren der
bloemenwinkeliers eenigszins is tegemoet gekomen, het aan-
beveling zal verdienen om te overwegen, in hoeverre een ver-
dere tegemoetkoming aan de bestaande klachten mogelijk is.

DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN
FABRIEKEN VOOR AMSTERDAM:

[Handtekening]
Wnd. Voorzitter,

[Handtekening]
Secretaris. * Onderwerp: Het document handelt over de regulering van straatventers in relatie tot de belangen van gevestigde bloemenwinkeliers in Amsterdam.
* Kernboodschap: De Kamer van Koophandel stelt dat hoewel een eerdere beperking ("...king") van het aantal venters de bezwaren van winkeliers al deels heeft weggenomen, het raadzaam is te onderzoeken of er nog verdere maatregelen (tegemoetkomingen) mogelijk zijn om aan de klachten te voldoen.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen geldende spelling (bijv. "eenigszins").
* Ondertekening: De brief is ondertekend namens de Kamer van Koophandel door de waarnemend voorzitter en de secretaris. Dit document stamt uit september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende economische regulering. De concurrentiestrijd tussen gevestigde middenstanders (winkeliers met vaste panden en hogere lasten) en ambulante handelaren (venters) was een terugkerend thema in het stedelijk beleid. Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie door venters, zeker in tijden van schaarste of economische onzekerheid. De Kamer van Koophandel trad hierbij op als belangenbehartiger voor de gevestigde handel en industrie richting het gemeentebestuur. De genoemde wethouder beheerde een brede portefeuille die essentieel was voor de dagelijkse behoeften en hygiëne van de stad in oorlogstijd.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het document handelt over de regulering van straatventers in relatie tot de belangen van gevestigde bloemenwinkeliers in Amsterdam.
  • Kernboodschap: De Kamer van Koophandel stelt dat hoewel een eerdere beperking ("...king") van het aantal venters de bezwaren van winkeliers al deels heeft weggenomen, het raadzaam is te onderzoeken of er nog verdere maatregelen (tegemoetkomingen) mogelijk zijn om aan de klachten te voldoen.
  • Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen geldende spelling (bijv. "eenigszins").
  • Ondertekening: De brief is ondertekend namens de Kamer van Koophandel door de waarnemend voorzitter en de secretaris.

Historische Context

Dit document stamt uit september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende economische regulering. De concurrentiestrijd tussen gevestigde middenstanders (winkeliers met vaste panden en hogere lasten) en ambulante handelaren (venters) was een terugkerend thema in het stedelijk beleid. Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie door venters, zeker in tijden van schaarste of economische onzekerheid. De Kamer van Koophandel trad hierbij op als belangenbehartiger voor de gevestigde handel en industrie richting het gemeentebestuur. De genoemde wethouder beheerde een brede portefeuille die essentieel was voor de dagelijkse behoeften en hygiëne van de stad in oorlogstijd.

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4