Officieel rapport van een controleur betreffende diefstal.
Origineel
Officieel rapport van een controleur betreffende diefstal. 24 september 1940. Nº 77/40/ M. 1940
Rapport.
Hedenmorgen omstreeks 8.45 uur werd my ondergeteekende, controleur, door G.P. Itterzon Jr., veilingmeester by de Ned. Veiling mededeeling gedaan en verklaarde als volgt:
"Hedenmorgen omstreeks 8.30 uur bevond ik my aan de groente-opslagplaats van de Ned. Veiling toen ik zag, dat kooper H.M. Cornelisse, kaart no. 2968, een bak tomaten wegnam en zich daar blykbaar mee wilde verwyderen. Daar het my bekend was dat deze tomaten nog niet waren geveild, vroeg ik hem van wie hy toestemming had verkregen de tomaten weg te nemen. Hy verklaarde dit te doen voor een zekeren Vlietman, voor wie hy wel vracht zou ryden. Toen ik hem vroeg my deze Vlietman aan te wyzen herriep hy deze verklaring en bekende dat hy de tomaten had weggenomen met de bedoeling zich deze toe te eigenen. Ook bekende hy even tevoren reeds een bak tomaten en twee kisten spercieboonen te hebben weggenomen en deze te hebben gezet op zyn handkar, die op eenigen afstand van genoemde opslagplaats stond. Op deze handkar trof ik inderdaad een bak tomaten en twee kisten spercieboonen die eveneens behoorden tot een nog niet verkochte party."
Cornelisse, hierover door my rapporteur gehoord, bevestigde hetgeen Itterzon had verklaard en toonde ook my de handkar waarop zich twee kisten spercieboonen bevonden en een bak tomaten. Deze heb ik voorloopig in beslag genomen. Den Heer van Es, directeur van de Ned. Veiling, deelde my voorts nog mede, dat de laatste dagen al meer goederen waren vermist uit de groente-opslagplaats. Hy achtte het niet onmogelyk, dat Cornelisse hier meer van wist. Cornelisse verklaarde echter nog nimmer by de Veiling te hebben gekocht en zich ook voordien niet aan diefstal schuldig te hebben gemaakt. Voor een nader onderzoek heb ik my vervolgens in gezelschap van Itterzon en met Cornelisse naar de winkel van laatstgenoemde begeven in de 2e Nassaustraat 20, alhier, en vonden daar twee bakjes inhoudende tezamen 41 perziken, twee kisten peren tezamen ongeveer nog 10 pond peren bevattende en twee kisten waarvan een nog een restant spercieboonen bevatte terwyl de andere leeg was. De ledige kist was echter nog voorzien van kavel nummer 944. Itterzon verklaarde, dat gezien het merk kisten en het kavelnummer op een daarvan, de goederen die zich daarin bevonden mede weggenomen moesten zyn op Zaterdag 21 September 1940 van de Ned. Veiling. Na verhoor werd ook dit ten slotte door Cornelisse erkend, reden waarom ik, rapporteur, de genoemde kisten mede in beslag heb genomen. De inhoud van alle door my in beslag genomen kisten heb ik aan de Ned. Veiling terug gegeven. De kisten zelf zullen door my worden gedeponeerd. Door den Heer van Es werd my van het genoemde geval aangifte gedaan en zal door my proces-verbaal tegen Cornelisse worden opgemaakt. De toegangskaart van Cornelisse gaat hierby.
Amsterdam, 24 September 1940
de Controleur.
(Handtekening)
Handgeschreven notities en marges:
(In de linker marge staat het cijfer 7)
(Linksonder:)
Den Heer Bedryfschef v/h Marktwezen.
(Paraaf/Handtekening)
(Onderaan midden/rechts:)
27/9/40 (Paraaf)
77/40 h (Handtekening)
Uitsluit 14 dagen m.i.v. 24 Sept besluit
Wijzigingen M. 30 Sept.
Weth. voorstelt voorwaardelijk.
(Grote paraaf WS) Dit document is een gedetailleerd proces-verbaal van een Amsterdamse marktcontroleur. Het beschrijft de aanhouding van een groentekooper, H.M. Cornelisse, die op heterdaad werd betrapt bij de diefstal van tomaten en sperziebonen op de "Nederlandsche Veiling". Uit het rapport blijkt een methodische aanpak: na de eerste betrapping volgde een huiszoeking in de winkel van de verdachte (2e Nassaustraat 20), waarbij meer gestolen waar werd aangetroffen (perziken en peren). De verdachte bekende beide diefstallen nadat hij geconfronteerd werd met bewijsmateriaal zoals kavelnummers op de kisten.
De handgeschreven aantekeningen onderaan het document geven inzicht in de administratieve en tuchtrechtelijke afhandeling. De verdachte werd voor 14 dagen uitgesloten van de veiling, en er is sprake van een voorstel van de wethouder voor een voorwaardelijke straf of maatregel. Het rapport is gedateerd op 24 september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de voedselschaarste voelbaar te worden en was de distributie van levensmiddelen reeds ingevoerd. Diefstal uit de officiële voedselketen (zoals veilingen) werd daarom extra hoog opgenomen, omdat het de gecontroleerde voedselvoorziening in gevaar bracht.
De "Ned. Veiling" waarnaar verwezen wordt, betreft vermoedelijk de Centrale Markthallen in Amsterdam-West. De betrokkenheid van de "Bedrijfschef van het Marktwezen" en de tussenkomst van een wethouder onderstrepen dat dergelijke incidenten niet alleen een politiezaak waren, maar ook direct de gemeentelijke controle op de voedselvoorziening raakten. De snelle afhandeling (besluit binnen enkele dagen na het incident) is typerend voor de strenge marktordening in oorlogstijd. G.P. Itterzon H.M. Cornelisse Marktwezen