Archief 745
Inventaris 745-338
Pagina 102
Dossier 29
Jaar 1940
Stadsarchief

Uittreksel of bijlage van een reglement betreffende marktvoorschriften.

Origineel

Uittreksel of bijlage van een reglement betreffende marktvoorschriften. Nº 81/12/2 M. 1338

Assistentie en Vervanging op de markten.

I. Moet schriftelijk door den plaatshouder worden aangevraagd, onder overlegging van twee pasphoto's. Aan assistenten en vervangers wordt als zoodanig een legitimatiekaart uitgereikt. Als assistenten of vervangers komen in aanmerking: personen, die den 18-jarigen leeftijd hebben bereikt; in bijzondere gevallen te zijner beoordeeling, kan de Directeur van het Marktwezen als assistent toelaten: kinderen of kleinkinderen van den plaatshouder, wanneer deze kinderen tenminste 16 jaren oud zijn.

II. Assistentie wordt toegestaan - en wel voor ten hoogste één persoon - wanneer naar het oordeel van den Directeur van het Marktwezen inwilliging van het desbetreffende verzoek gerechtvaardigd wordt door het feit, dat de plaatshouder (ook, in bijzondere gevallen, degene, die een losse plaats pleegt te bezetten), niet in staat is om zijn zaken zonder assistentie te doen. Assistentie wordt toegestaan voor bepaalden tijd of tot wederopzegging.

Vervanging wordt toegestaan - en wel voor ten hoogste één persoon - wanneer inwilliging van het desbetreffende verzoek gerechtvaardigd wordt door het feit, dat de plaatshouder en zijn echtgenoot(e) om dringende redenen, ter beoordeeling van den Directeur van het Marktwezen, verhinderd zijn de marktplaats persoonlijk te bezetten. Vervanging wordt alleen toegestaan voor bepaalden tijd.

De Directeur kan, ook als hij assistentie of vervanging voor een bepaalden plaatshouder gerechtvaardigd acht, weigeren een bepaalden persoon als assistent of als vervanger toe te laten, in de gevallen, waarin, naar het oordeel van den Directeur, gegronde vermoedens bestaan, dat de assistentie of de vervanging wordt verzocht om de marktplaats aan den assistent of den vervanger af te staan in andere gevallen, dan waarin dit, naar het oordeel van den Directeur, krachtens artikel 17 van het Reglement op de Markten, toelaatbaar is.

III. Compagnonschappen.
Op het Waterlooplein mogen vaste plaatshouders op hunne plaatsen wisselende artikelen hebben in combinatie: òf met andere vaste-plaatshouders van die markt, òf met bij het Marktwezen bekende andere marktkooplieden.

In het laatstbedoelde geval wordt het compagnonschap alleen toegestaan, wanneer de koopman (of kooplieden), die geen vaste-plaatshouder is(zijn), een losse plaats op de markt betaalt(betalen).

Aan standwerkers wordt, in verband met den bijzonderen aard van hun bedrijf, op alle markten toegestaan om met een compagnon te werken, mits deze, wanneer hij niet tevens een vaste plaats op de markt bezet, het plaatsgeld voor een losse plaats op de bedoelde markt betaalt. Het document is een ambtelijke verordening die strikte controle uitoefent op wie er achter een marktkraam mag staan.
* Autoriteit: De "Directeur van het Marktwezen" heeft een grote discretionaire bevoegdheid. Hij beslist of een verzoek "gerechtvaardigd" is en kan personen zonder opgaaf van specifieke bewijzen weigeren op basis van "gegronde vermoedens".
* Assistentie vs. Vervanging: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt. Assistentie is bedoeld voor hulp bij de dagelijkse gang van zaken wanneer de houder aanwezig is. Vervanging is alleen toegestaan bij "dringende redenen" wanneer zowel de houder als diens echtgenoot niet aanwezig kunnen zijn.
* Leeftijdsgrenzen: De standaardleeftijd voor personeel is 18 jaar, met een uitzondering voor (klein)kinderen vanaf 16 jaar.
* Fraudebestrijding: Een specifiek deel van artikel II is gewijd aan het voorkomen van het officieus overdragen of verhuren van marktplaatsen aan derden onder het mom van assistentie.
* Uitzonderingsposities: Het Waterlooplein en de groep 'standwerkers' hebben specifieke regels wat betreft het samenwerken met anderen (compagnonschappen), waarbij ook de financiële afdracht (het plaatsgeld) wordt geregeld voor degenen zonder vaste plek. Dit document stamt uit een periode waarin de Amsterdamse markten zeer strak gereguleerd waren. Een marktplaats was een waardevol bezit en een bron van bestaanszekerheid. De overheid probeerde met deze regels de handel eerlijk te houden en te voorkomen dat marktvergunningen buiten het zicht van de gemeente werden verhandeld of onderverhuurd. De vermelding van het Waterlooplein is historisch interessant, aangezien dit van oudsher de belangrijkste plek was voor de handel in tweedehands goederen en textiel in Amsterdam, met een eigen dynamiek die blijkbaar specifieke regels vereiste voor het combineren van verschillende handelswaren op één plek. De taal is formeel-juridisch, typerend voor de Nederlandse bureaucratie uit de vroege 20e eeuw.

Samenvatting

Het document is een ambtelijke verordening die strikte controle uitoefent op wie er achter een marktkraam mag staan.
* Autoriteit: De "Directeur van het Marktwezen" heeft een grote discretionaire bevoegdheid. Hij beslist of een verzoek "gerechtvaardigd" is en kan personen zonder opgaaf van specifieke bewijzen weigeren op basis van "gegronde vermoedens".
* Assistentie vs. Vervanging: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt. Assistentie is bedoeld voor hulp bij de dagelijkse gang van zaken wanneer de houder aanwezig is. Vervanging is alleen toegestaan bij "dringende redenen" wanneer zowel de houder als diens echtgenoot niet aanwezig kunnen zijn.
* Leeftijdsgrenzen: De standaardleeftijd voor personeel is 18 jaar, met een uitzondering voor (klein)kinderen vanaf 16 jaar.
* Fraudebestrijding: Een specifiek deel van artikel II is gewijd aan het voorkomen van het officieus overdragen of verhuren van marktplaatsen aan derden onder het mom van assistentie.
* Uitzonderingsposities: Het Waterlooplein en de groep 'standwerkers' hebben specifieke regels wat betreft het samenwerken met anderen (compagnonschappen), waarbij ook de financiële afdracht (het plaatsgeld) wordt geregeld voor degenen zonder vaste plek.

Historische Context

Dit document stamt uit een periode waarin de Amsterdamse markten zeer strak gereguleerd waren. Een marktplaats was een waardevol bezit en een bron van bestaanszekerheid. De overheid probeerde met deze regels de handel eerlijk te houden en te voorkomen dat marktvergunningen buiten het zicht van de gemeente werden verhandeld of onderverhuurd. De vermelding van het Waterlooplein is historisch interessant, aangezien dit van oudsher de belangrijkste plek was voor de handel in tweedehands goederen en textiel in Amsterdam, met een eigen dynamiek die blijkbaar specifieke regels vereiste voor het combineren van verschillende handelswaren op één plek. De taal is formeel-juridisch, typerend voor de Nederlandse bureaucratie uit de vroege 20e eeuw.

Locaties

Amsterdam (gelet op de expliciete vermelding van het Waterlooplein).

Gerelateerde Documenten 5