Archiefdocument
Origineel
23 april 1940. De Directeur van de Directie Marktwezen Amsterdam. De Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. DIRECTIE MARKTWEZEN AMSTERDAM
Vervolg No. 1 van brief dd. 23 April 1940
No. 82/3/3 M. aan den Heer Wethouder voor de
te Alhier. Levensmiddelen,
steeds een half uur eerder moeten zijn, dan op de andere dagen der week. Daarentegen adviseert de kleinst mogelijke meerderheid, namelijk 7 leden, om ook voor den Zaterdag de hierboven vermelde openingsuren der overige werkdagen te doen gelden.
Ik ben van meening, dat voorloopig ten deze niet verder moet worden gegaan, dan zooals de minderheid der Commissie verlangt. De bezwaren, die de winkeliers van late-re openstelling der Centrale Markt ondervinden zijn zoo groot, dat daarmede mijns inziens wel terdege rekening moet worden gehouden.
Indien U zich met het vorenstaande kunt vereeni-gen, zal ik de boven aangegeven afwijkingen van de openings-uren der Centrale Markt, waartoe ik, krachtens de bepaling van de uren, waarop de markten worden gehouden, bevoegd ben te besluiten in buitengewone omstandigheden, ter kennis van belanghebbenden brengen; des Zaterdags zal de markt dan dus een half uur eerder, dan op de overige dagen der week worden geopend.
De Directeur,
[Handgeschreven in de linker marge:]
1 - evenals tot nu toe het geval was -
[Onderaan de pagina:]
Model A.Z. 15-2000-3-'38-1403
--- Dit document is een vervolgvel van een ambtelijke correspondentie over de bedrijfsvoering van de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is een geschil over de openingstijden op zaterdag.
Er is sprake van twee standpunten binnen een adviescommissie:
1. De meerderheid (7 leden): Wil dat de openingstijden op zaterdag gelijkgetrokken worden met de rest van de weekdagen.
2. De minderheid: Wil dat de markt op zaterdag een half uur eerder opent.
De Directeur van de Directie Marktwezen kiest de zijde van de minderheid. Hij voert aan dat winkeliers grote hinder ondervinden van een latere openstelling. Interessant is de juridische basis die hij aanhaalt: hij acht zichzelf bevoegd om af te wijken van de standaardregels vanwege "buitengewone omstandigheden". De handgeschreven kanttekening ("evenals tot nu toe het geval was") suggereert dat het voorstel van de directeur feitelijk een voortzetting van de bestaande praktijk is, in tegenstelling tot de door de meerderheid gewenste verandering.
--- De datum van de brief, 23 april 1940, is zeer cruciaal. Dit is minder dan drie weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Nederland bevond zich op dat moment in een staat van mobilisatie en de dreiging van oorlog hing in de lucht. De term "buitengewone omstandigheden" in de brief moet waarschijnlijk in dit licht worden gezien: de voedselvoorziening en de logistiek daaromheen waren van strategisch belang.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een specifieke functie die in tijden van schaarste of crisis (zoals de Eerste Wereldoorlog en de dreiging van de Tweede) essentieel was om de distributie van basisbehoeften in de stad te reguleren. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de Amsterdamse voedselketen. Discussies over een half uur verschil in openingstijd lijken triviaal, maar voor de logistiek van versproducten en de aansluiting op de winkeltijden van duizenden kleine middenstanders was dit een kwestie van groot economisch belang. Marktwezen