Administratieve brief (waarschijnlijk een doorslag of kopie voor het archief).
Origineel
Administratieve brief (waarschijnlijk een doorslag of kopie voor het archief). 21 februari 1940. [Rechtsboven, handgeschreven:]
ten h. Müller
[Middenboven:]
DV.
[Linksboven:]
85/13/3 M.
1
Letter FZ
[Midden, handgeschreven:]
Verzonden 21/2-'40.
[Rechts:]
21 Februari 1940.
[Adresblok, rechts uitgelijnd:]
den Heer S. Schelvis,
Waterlooplein 56,
Amsterdam-C.
Wijk 2.
[Midden:]
Waarschuwing betaling ~~kramen~~geld.
[Linksonder:]
24 Februari a.s. [inktvlek]
[Rechtsonder:]
Zaterdag Het document is een officiële sommatie aan de heer S. Schelvis voor het achterstallig betalen van 'kramengeld'. Dit was de belasting of huur die marktkooplieden moesten betalen voor het gebruik van een kraam op de openbare markt.
De brief bevat enkele interessante details:
* Adressering: De heer Schelvis woonde op Waterlooplein 56. Het Waterlooplein was (en is) een bekende marktplaats in Amsterdam.
* Correctie: In het woord "kramengeld" is het deel "kramen" doorgestreept met de typemachine, wat kan duiden op een administratieve correctie naar een algemenere term voor marktgeld, of een typefout.
* Annotaties: De handgeschreven tekst "ten h. Müller" (mogelijk "ten handen van") en de verzenddatum wijzen op een actieve dossierregistratie. "DV." staat mogelijk voor een specifieke afdeling, zoals de Dienst der Marktwezen. De datum van deze brief, februari 1940, is historisch significant: het is slechts drie maanden voor de Duitse inval in Nederland. Het Waterlooplein vormde destijds het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. De achternaam Schelvis is een veelvoorkomende naam binnen de Joodse gemeenschap van die tijd.
Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse bureaucreatie en het economische leven van marktkooplieden in Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert hoe de gemeentelijke administratie nauwgezet de bewoners en hun financiële verplichtingen bijhield, gegevens die later tijdens de bezetting door de nazi's op tragische wijze zouden worden misbruikt voor de registratie en deportatie van de Joodse bevolking.