Officiële waarschuwingsbrief (archiefexemplaar/doorslag).
Origineel
Officiële waarschuwingsbrief (archiefexemplaar/doorslag). 29 april 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:]
2 ex. Pr de kanc.
[Getypt links:]
DV,
90/25/16 M. [Handgeschreven:] Verzonden 30/4 - '40.
[Getypt rechts:]
29 April 1940.
den Heer L.J. van Eyk,
Langestraat 10 II,
Amsterdam-C.
Wijk 8.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 20 April jl. op
Uw plaats op de markt Mosplein heeft laten assisteeren door Uw
schoonvader, zonder daarvoor mijn toestemming te hebben gekregen.
Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te la-
ten.
De Directeur, Het document is een formele, bureaucratische waarschuwing aan een marktkoopman in Amsterdam. De heer Van Eyk wordt berispt omdat hij op 20 april 1940 op de markt aan het Mosplein hulp heeft aangenomen van zijn schoonvader zonder de vereiste ambtelijke toestemming.
De brief hanteert een autoritaire toon ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), wat typerend is voor de strikte handhaving van gemeentelijke marktreglementen in die tijd. De administratieve precisie blijkt uit de handgeschreven toevoeging "Verzonden 30/4 - '40", waaruit een verwerkingstijd van één dag blijkt. De notitie "2 ex. Pr de kanc." (twee exemplaren per de kanselarij) duidt op de interne archiefprocedure. De brief is gedateerd op 29 april 1940, minder dan twee weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document weerspiegelt de ordelijke, bijna rigide staat van het Nederlandse ambtenarenapparaat aan de vooravond van de bezetting.
De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was een cruciaal economisch en sociaal knooppunt voor de wijk. Marktkooplieden waren gebonden aan strenge vergunningsvoorwaarden; het laten meehelpen van familieleden zonder expliciete toestemming werd gezien als een overtreding van de regels voor standplaatshouders. De spelling ("assisteeren") en de wijkindeling ("Wijk 8") zijn kenmerkend voor de vooroorlogse Amsterdamse administratie. C. Marktwezen
Samenvatting
Het document is een formele, bureaucratische waarschuwing aan een marktkoopman in Amsterdam. De heer Van Eyk wordt berispt omdat hij op 20 april 1940 op de markt aan het Mosplein hulp heeft aangenomen van zijn schoonvader zonder de vereiste ambtelijke toestemming.
De brief hanteert een autoritaire toon ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), wat typerend is voor de strikte handhaving van gemeentelijke marktreglementen in die tijd. De administratieve precisie blijkt uit de handgeschreven toevoeging "Verzonden 30/4 - '40", waaruit een verwerkingstijd van één dag blijkt. De notitie "2 ex. Pr de kanc." (twee exemplaren per de kanselarij) duidt op de interne archiefprocedure.
Historische Context
De brief is gedateerd op 29 april 1940, minder dan twee weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document weerspiegelt de ordelijke, bijna rigide staat van het Nederlandse ambtenarenapparaat aan de vooravond van de bezetting.
De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was een cruciaal economisch en sociaal knooppunt voor de wijk. Marktkooplieden waren gebonden aan strenge vergunningsvoorwaarden; het laten meehelpen van familieleden zonder expliciete toestemming werd gezien als een overtreding van de regels voor standplaatshouders. De spelling ("assisteeren") en de wijkindeling ("Wijk 8") zijn kenmerkend voor de vooroorlogse Amsterdamse administratie.