Zakelijke brief.
Origineel
Zakelijke brief. 8 maart 1940. N.V. Service i.o. (in oprichting), Amsterdam. De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. № 99/2/3 M.1940 2/3 mi Sec
N.V.Service i.o.
Amsterdam Amsterdam, 8 Maart 1940
Aan den Directeur van het Marktwezen
A m s t e r d a m .
Hoogedelgestrenge Heer,
Hiermede hebben wy de eer het onderhoud
te bevestigen,hetwelk wy met U dd.5 dezer mochten hebben in
verband met ons voornemen,een Dieselpomp in bedryf te stellen.
Hierby kwamen wy in principe overeen,dat
wy tot het plaatsen van een Diesel-pomp installatie zullen over-
gaan,waarvoor wy dezelfde finantieele verplichtingen aanvaarden,
als die welke gelden voor de reeds in bedryf zynde benzine pompen,
d.w.z. dat wy op 1 April a.s.voor de Dieselpomp aan Uwen Dienst
voor monopolie-rechten gedurende het tijdvak van 1 April 1940 tot
1 Juli 1940 een bedrag ad F. 50,-- zullen betalen, dus op een
basis van F.200,- per jaar.
Na afloop van die eerste drie maanden
zal dan na overlegging van een accountantsrapport moeten worden
overwogen,en zooals in ons schryven dd.2 October 1939 gericht aan
het College van Burgemeester en Wethouders der Gemeente Amsterdam,
is uiteengezet,of de gezamenlyke monopolierechten ad F. 300,-
per halfjaar,verhoogd of verlaagd dienen te worden.
Verder deelen wy U nog,beleefd mede,dat wy
U in verband met het accountantsrapport binnen kort zullen
berichten,welk accountantskantoor wy hebben aangewezen en
inmiddels teekenen wy,
met de meeste hoogachting,
UwEdl.dw.
N.V.SERVICE i.o.
[Handtekening]
--- Deze brief legt de afspraken vast tussen de "N.V. Service i.o." en de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen betreffende de exploitatie van een nieuwe dieselpomp. Belangrijke punten uit de tekst:
- Financiële overeenkomst: De onderneming stemt ermee in om voor de nieuwe dieselpomp dezelfde vergoeding te betalen als voor bestaande benzinepompen. Dit wordt begroot op 50 gulden voor een eerste kwartaal (april t/m juni 1940), wat neerkomt op 200 gulden per jaar.
- Monopolie-rechten: Er wordt gesproken over "monopolie-rechten". Dit wijst op een concessiestelsel waarbij de gemeente exclusieve rechten verleende voor het plaatsen van brandstofpompen op gemeentegrond.
- Toekomstige herziening: Na de eerste drie maanden zal de hoogte van de vergoeding (mogelijk voor alle pompen gezamenlijk, genoemd als 300 gulden per half jaar) worden herzien op basis van een accountantsrapport.
- Administratieve context: De brief refereert aan een eerder schrijven aan het College van B&W van 2 oktober 1939, wat duidt op een langer lopend traject voor de oprichting en inrichting van de dienstverlening door deze N.V.
--- De brief dateert van maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. In deze periode was Amsterdam volop in beweging wat betreft de regulering van de opkomende automobiliteit en de daarbij behorende infrastructuur (tankstations).
De Dienst van het Marktwezen hield toezicht op handel en exploitatie op openbare plekken. Dat de afzender een "N.V. i.o." (in oprichting) is, suggereert dat het hier gaat om een nieuwe commerciële partij die probeert een positie op de Amsterdamse brandstofmarkt te verwerven. De taal is uiterst formeel ("Hoogedelgestrenge Heer", "UwEdl.dw."), wat typerend is voor de zakelijke correspondentie met overheidsinstanties in die tijd. De dieselpomp was indertijd een relatief nieuwe toevoeging naast de meer gangbare benzinepompen. N.V. Service Gemeente Amsterdam Marktwezen