Handgeschreven notitie of fragment van een brief/betoog.
Origineel
Handgeschreven notitie of fragment van een brief/betoog. Is de kans groot dat
grossiers naar buiten de
stad voorraden zullen
verkoopen zonder zekerheid
dat zij voorraden zullen
kunnen aanvullen voor
Amsterdamsche clientèle
met gevaar dat zij
"neen" zullen moeten verkoopen
en hun clientèle hen ook
voor andere artikelen
voorbij gaat? * Handschrift: Het betreft een geoefend, doch haastig genoteerd handschrift. Kenmerkend zijn de open 'o'-vormen en de wijze waarop de letters 'n' en 'm' aan het einde van woorden vaak uitlopen in een horizontale streep of boogje (bijv. bij "zullen" en "verkoopen").
* Inhoud: De tekst stelt een kritische economische vraag. De schrijver maakt zich zorgen over de strategische keuze van groothandelaren (grossiers) om schaarse voorraden aan klanten buiten Amsterdam te verkopen. Het risico dat hierbij wordt geschetst, is tweeledig: ten eerste dat men de eigen vaste Amsterdamse klantenkring moet teleurstellen ("neen verkopen"), en ten tweede dat deze klanten hierdoor voorgoed verloren gaan, ook voor andere producten.
* Taalgebruik: Er is sprake van de zogeheten 'Spelling-Marchant' of de nog oudere spelling De Vries en Te Winkel, te zien aan woorden als "verkoopen" en "Amsterdamsche". De tekst lijkt een kladnotitie of een passage uit een zakelijke correspondentie over distributieproblematiek. De focus op voorraden en de angst om de vaste clientèle niet te kunnen bedienen, wijst op een periode van economische spanning of schaarste. Dit zou kunnen duiden op de crisistijd in de jaren '30 of de periode van goederenschaarste rondom de Tweede Wereldoorlog. De specifieke vermelding van de "Amsterdamsche clientèle" suggereert dat de bron of de besproken onderneming nauw verbonden was met de Amsterdamse handelsgeest en lokale marktpositie.
Samenvatting
- Handschrift: Het betreft een geoefend, doch haastig genoteerd handschrift. Kenmerkend zijn de open 'o'-vormen en de wijze waarop de letters 'n' en 'm' aan het einde van woorden vaak uitlopen in een horizontale streep of boogje (bijv. bij "zullen" en "verkoopen").
- Inhoud: De tekst stelt een kritische economische vraag. De schrijver maakt zich zorgen over de strategische keuze van groothandelaren (grossiers) om schaarse voorraden aan klanten buiten Amsterdam te verkopen. Het risico dat hierbij wordt geschetst, is tweeledig: ten eerste dat men de eigen vaste Amsterdamse klantenkring moet teleurstellen ("neen verkopen"), en ten tweede dat deze klanten hierdoor voorgoed verloren gaan, ook voor andere producten.
- Taalgebruik: Er is sprake van de zogeheten 'Spelling-Marchant' of de nog oudere spelling De Vries en Te Winkel, te zien aan woorden als "verkoopen" en "Amsterdamsche".
Historische Context
De tekst lijkt een kladnotitie of een passage uit een zakelijke correspondentie over distributieproblematiek. De focus op voorraden en de angst om de vaste clientèle niet te kunnen bedienen, wijst op een periode van economische spanning of schaarste. Dit zou kunnen duiden op de crisistijd in de jaren '30 of de periode van goederenschaarste rondom de Tweede Wereldoorlog. De specifieke vermelding van de "Amsterdamsche clientèle" suggereert dat de bron of de besproken onderneming nauw verbonden was met de Amsterdamse handelsgeest en lokale marktpositie.