Archief 745
Inventaris 745-347
Pagina 10
Dossier 29
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of kopie van een officieel schrijven).

Niet expliciet vermeld op deze pagina (historisch te dateren rond september 1941). Van: De burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte).

Origineel

Getypte brief (doorslag of kopie van een officieel schrijven). Niet expliciet vermeld op deze pagina (historisch te dateren rond september 1941). De burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). -2-

und Umgebung der ersten Stelle wohnen 22.000 Juden, im Viertel
der zweiten Stelle rund 21.000 und in der Umgebung der dritten
Stelle auch ca. 21.000 Juden oder 46 1/2 % bezw. 42 1/2 % und 23 1/2 % der
Gesamtbevölkerung des betreffenden Viertels. In diesen drei Spiel-
gärten befindet sich bei deren Benutzung als Markt schätzungsweise
insgesamt Platz für ca. 600 Händler.

Ich würde es begrüssen, von Ihnen recht bald zu vernehmen,
ob Sie sich mit diesem Vorschlag einverstanden erklären können.
In diesem Falle würden die jüdischen Händler ihre Plätze in den
vorerwähnten Spielplätzen baldmöglichst einnehmen.

Der Bürgermeister von Amsterdam,
(gez.) Voûte

Der Generalsekretär,
(gez.) Dr. Boomsma
ls.

[Handgeschreven in rood]:
W.plein
Gaaspstr.
Joubertstr. Dit document is een cruciaal administratief verslag van de segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tekst bespreekt de concentratie van Joodse inwoners in drie specifieke wijken en stelt voor om drie speelplaatsen ("Spielgärten") om te vormen tot Joodse markten.

De burgemeester geeft gedetailleerde cijfers:
1. Locatie 1: 22.000 Joden (46,5% van de wijkbevolking).
2. Locatie 2: 21.000 Joden (42,5% van de wijkbevolking).
3. Locatie 3: 21.000 Joden (23,5% van de wijkbevolking).

Samen zouden deze locaties ruimte bieden aan ongeveer 600 Joodse handelaren. De handgeschreven rode aantekeningen identificeren de locaties waar het om gaat: het Waterlooplein (W.plein), de Gaaspstraat en de Joubertstraat. Het document is ondertekend (in kopie) door de regeringsgetrouwe burgemeester Edward Voûte en gemeentesecretaris Dr. A.H. Boomsma. In de nazomer van 1941 voerden de Duitse bezetters in Nederland steeds strengere anti-Joodse maatregelen in. Een van deze maatregelen was het verbod voor Joden om op reguliere openbare markten te staan of deze te bezoeken. Om de Joodse bevolking verder te isoleren en tegelijkertijd de handel binnen de Joodse gemeenschap te reguleren, werden specifieke 'Joodse markten' ingesteld.

De locaties in de handgeschreven kanttekeningen zijn veelzeggend:
* Waterlooplein: Het hart van de oude Joodse buurt in het centrum.
* Gaaspstraat: Gelegen in de Rivierenbuurt, waar veel (vaak Duitse) Joodse vluchtelingen woonden.
* Joubertstraat: In de Transvaalbuurt, een wijk met een zeer grote Joodse arbeidersbevolking.

Edward Voûte was door de bezetter aangesteld als burgemeester nadat zijn voorganger was ontslagen. Hoewel hij na de oorlog beweerde slechts orders te hebben uitgevoerd om erger te voorkomen, toont dit document de actieve rol van het Amsterdamse ambtenarenapparaat bij het faciliteren van de Jodenvervolging door middel van statistische onderbouwing en logistieke planning. A.H. Boomsma

Samenvatting

Dit document is een cruciaal administratief verslag van de segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tekst bespreekt de concentratie van Joodse inwoners in drie specifieke wijken en stelt voor om drie speelplaatsen ("Spielgärten") om te vormen tot Joodse markten.

De burgemeester geeft gedetailleerde cijfers:
1. Locatie 1: 22.000 Joden (46,5% van de wijkbevolking).
2. Locatie 2: 21.000 Joden (42,5% van de wijkbevolking).
3. Locatie 3: 21.000 Joden (23,5% van de wijkbevolking).

Samen zouden deze locaties ruimte bieden aan ongeveer 600 Joodse handelaren. De handgeschreven rode aantekeningen identificeren de locaties waar het om gaat: het Waterlooplein (W.plein), de Gaaspstraat en de Joubertstraat. Het document is ondertekend (in kopie) door de regeringsgetrouwe burgemeester Edward Voûte en gemeentesecretaris Dr. A.H. Boomsma.

Historische Context

In de nazomer van 1941 voerden de Duitse bezetters in Nederland steeds strengere anti-Joodse maatregelen in. Een van deze maatregelen was het verbod voor Joden om op reguliere openbare markten te staan of deze te bezoeken. Om de Joodse bevolking verder te isoleren en tegelijkertijd de handel binnen de Joodse gemeenschap te reguleren, werden specifieke 'Joodse markten' ingesteld.

De locaties in de handgeschreven kanttekeningen zijn veelzeggend:
* Waterlooplein: Het hart van de oude Joodse buurt in het centrum.
* Gaaspstraat: Gelegen in de Rivierenbuurt, waar veel (vaak Duitse) Joodse vluchtelingen woonden.
* Joubertstraat: In de Transvaalbuurt, een wijk met een zeer grote Joodse arbeidersbevolking.

Edward Voûte was door de bezetter aangesteld als burgemeester nadat zijn voorganger was ontslagen. Hoewel hij na de oorlog beweerde slechts orders te hebben uitgevoerd om erger te voorkomen, toont dit document de actieve rol van het Amsterdamse ambtenarenapparaat bij het faciliteren van de Jodenvervolging door middel van statistische onderbouwing en logistieke planning.

Genoemde Personen 1

Locaties

Gaaspstraat (Joodse Markt) Joubertstraat (Joodse Markt) Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Rund Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 3

J. Evertsenstraat Waterlooplein
V.V.O. Waterlooplein
T. Katestraat Waterlooplein

Gerelateerde Documenten 3