Getypte brief (afschrift).
Origineel
Getypte brief (afschrift). 16 december 1941. M. Grootkerk, Nieuwe Kerkstraat 77 I, Amsterdam. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. No.18/15/22 M.1941 30/12 AFSCHRIFT.
No.5/464 L.M.1941 19/12
16 December 1941.
Aan den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen.
Mijnheer,
Ondergeteekende M.Grootkerk vraagt Uw beleefd
of hij een standplaats met bloemen in mag nemen in
de Maasstraat, op het verhoogde voetpad, recht tegen-
over de scheiding van de perceelen Maasstraat 131 en
Zuider Amstellaan 196 op 1 meter afstand van den
rijweg. Ik vraag Uw dezen plaats omdat de Directeur
van het Marktwezen te Amsterdam hem mij dezen
plaats precies heeft opgegeven en dat ik ook bij den
Inspecteur van het Marktwezen moest komen een en
ander in verband met het feit, dat ik als Joodsche
marktkoopman in bloemen geen plaats moogt bezetten
op de voor Joden aangewezen tijdelijke hulpmarkten
Zoodoende hoop ik, dat ik deze plaats zoo gauw
mogelijk kan innemen anders ben ik ook broodeloos.
Uw kunt nog vraag laten doen bij den Directeur van
het Marktwezen te Amsterdam.
Hopende op gauw antwoord, bij voorbaat mijn
dank.
w.g.M.Grootkerk,
Nwe. Kerkstraat 77 I
Amsterdam-Centrum. In deze brief verzoekt M. Grootkerk de Amsterdamse wethouder om een specifieke standplaats voor de verkoop van bloemen. De kern van het verzoek ligt in de wanhopige economische positie van de schrijver. Grootkerk benadrukt dat hij als "Joodsche marktkoopman" geen plek krijgt op de speciaal voor Joden aangewezen markten. Hij voert aan dat de Directeur van het Marktwezen hem deze specifieke plek in de Maasstraat (op de hoek met de Zuider Amstellaan) al had gesuggereerd. De term "broodeloos" onderstreept de ernst van de situatie: zonder deze standplaats heeft hij geen inkomen meer. De afkorting "w.g." bij de ondertekening betekent "was getekend", wat aangeeft dat dit document een officieel afschrift is van de originele brief. De brief dateert uit december 1941, een periode waarin de anti-Joodse maatregelen van de Duitse bezetter in Nederland steeds verstikkender werden. Vanaf september 1941 mochten Joden niet meer op reguliere markten staan en werden zij verbannen naar aparte "Joodse markten". Uit de brief blijkt dat Grootkerk zelfs daar geen plek kon vinden of dat deze markten onvoldoende soelaas boden. De Maasstraat en de Zuider Amstellaan (tegenwoordig de Rooseveltlaan) lagen in de Rivierenbuurt, waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden. De brief is een pijnlijk voorbeeld van hoe Joodse burgers via bureaucratische weg probeerden te overleven en hun waardigheid en middelen van bestaan probeerden te behouden te midden van systematische uitsluiting. M. Grootkerk Marktwezen