Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 16 april 1915 (gebaseerd op de aanduiding "1", "16 April" en "5" in de kop). Een niet nader genoemde Commissie (ondertekend door De Voorzitter en De Secretaris). 1 16 April 5
13/100 den Heer Weth.v.d.Levensmiddelen
Amsterdam.
ieder geval tot gevolg heeft, dat geen nieuwe venters
zich hier ter stede kunnen vestigen. Hierdoor zal in de
toekomst ongetwyfeld de door verzoekers gewenschte ver-
betering in het consumptieys-bedryf ontstaan.
Op grond van een en ander heeft de Commissie de
eer U te adviseeren den adressanten te doen berichten,
dat aan hun verzoek een regeling als door hen bedoeld
te treffen, niet kan worden voldaan.
De Voorzitter,
De Secretaris, Dit document is een ambtelijk advies van een commissie aan de Amsterdamse Wethouder van Levensmiddelen. De tekst is een doorslag van een getypt document op dun papier. De spelling is typerend voor het begin van de 20e eeuw (bijv. "ongetwyfeld", "consumptieys-bedryf").
De kern van het advies is negatief: de commissie adviseert de wethouder om niet in te gaan op een verzoek van "adressanten" (verzoekers) om een specifieke regeling in te voeren. De commissie redeneert dat de gewenste verbetering in de ijssector vanzelf zal optreden omdat er momenteel geen nieuwe straatventers bij kunnen komen. Door de concurrentie te beperken (geen nieuwe vestigingen), verwacht men dat de kwaliteit of de marktpositie van de bestaande ondernemers zal verbeteren zonder dat er extra regels nodig zijn. De datum, april 1915, valt midden in de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de oorlog grote gevolgen voor de voedselvoorziening en de economie, wat leidde tot de aanstelling van wethouders specifiek voor 'Levensmiddelen'.
Het "consumptieys-bedryf" (de consumptie-ijssector) was in die tijd sterk in beweging. Er was veel straathandel door venters, vaak van Italiaanse komaf, maar ook lokale Amsterdamse handelaren. De gevestigde ondernemers klaagden vaak over de wildgroei aan venters en drongen aan op regulering om hun eigen nering te beschermen onder het mom van hygiëne of marktordening. Dit document toont aan dat de gemeente terughoudend was met het invoeren van nieuwe, specifieke regels en vertrouwde op het effect van een (reeds bestaande of feitelijke) stop op nieuwe vestigingen.