Getypte brief/ambtelijk besluit (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief/ambtelijk besluit (doorslag of kopie). De Wethouder voor de Levensmiddelen (wethouder N. Kropman van Amsterdam). -2-
"Zooals het U bekend is, hebben verschillende firma's welke consumptie-ys laten venten, zooals Davia, Voco, Arofa e.a. zich herhaaldelyk tot my gewend met de mededeeling, dat zy door de bepalingen der Ventverordening worden belemmerd in de uitoefening van hun bedryf, daar zy er niet in konden slagen voldoende personen, die in het bezit van een ventvergunning zyn, in hun dienst te nemen. Zy voegden aan deze mededeeling toe het verzoek te bevorderen, dat aan hun bedryven een aantal ventvergunningen wordt verstrekt en zoo dit niet mogelyk zou zyn, dat dan alsnog vergunningen worden uitgereikt aan die personen, welke als venter in hun dienst willen treden.
Mede op advies Uwer Commissie werden deze verzoeken steeds afgewezen. By het bepalen van myn standpunt ter zake ben ik afgegaan op de door Uw Commissie uitgesproken verwachting, dat het bedoelde firma's vry gemakkelyk zou vallen hun personeel te betrekken uit het groote aantal houders van ventvergunningen, die volledigen steun genieten.
Evenwel is in de laatste weken gebleken, dat deze verwachting niet is verwezenlykt. Ondanks de bemoeiingen van den Dienst van het Marktwezen en vooral ook van het Bureau voor Maatschappelyken Steun mocht het verschillende firma's niet gelukken voldoende venters uit de gesteunde houders van ventvergunningen te betrekken.
Waar ik van oordeel ben, dat deze firma's, welke reeds sinds September 1933 te Amsterdam zyn gevestigd, niet mogen worden belemmerd in de uitoefening van hun bedryf, heb ik my genoodzaakt gezien myn aanvankelyk ingenomen standpunt te wyzigen en heb ik opdracht gegeven deze firma's te helpen door alsnog ventvergunningen tot een beperkt aan- /een verklaring tal uit te reiken aan personen, die blykens/ dier firma's als venter in hun dienst zouden treden. Ook voor deze personen geldt de eisch, dat zy op 1 Mei 1933 reeds 18 jaar waren, behoudens in geval van kostwinnerschap.
Deze vergunningen gelden slechts tot uiterlyk 30 September 1935 en komen niet in aanmerking om in dien tyd te worden overgeschreven op een ander artikel dan consumptie-ys. Na genoemden datum komen zy automatisch te vervallen.
Voor nieuwe firma's die zich na September 1933 hebben toegelegd op den ysverkoop door middel van venters geldt deze uitzonderingsbepaling niet. Deze vergunningen worden ingetrokken, wanneer blykt, dat ze niet gebruikt worden ten behoeve van de firma's, waarvoor zy oorspronkelyk werden uitgereikt.
Ik verzoek U de Commissie met deze nadere beslissing in kennis te stellen.
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
w.g. Kropman. * Kernproblematiek: Ijsfabrikanten (zoals Davia en Voco) kunnen geen personeel vinden dat al een ventvergunning heeft. De gemeente weigerde eerst nieuwe vergunningen af te geven omdat men vond dat de bedrijven maar mensen uit de "steun" (werklozen met een vergunning) moesten aannemen. Dit bleek in de praktijk niet te werken.
* Beleidsingreep: De wethouder wijzigt het beleid: er worden tijdelijke, persoonsgebonden vergunningen afgegeven specifiek voor de verkoop van consumptie-ijs bij deze specifieke firma's.
* Voorwaarden:
1. De firma moet al vóór sept. 1933 in Amsterdam gevestigd zijn.
2. De venter moet een verklaring van de firma overleggen.
3. Leeftijdseis: minstens 18 jaar op 1 mei 1933 (tenzij kostwinner).
4. Geldigheid: beperkt tot 30 september 1935 en uitsluitend voor ijs.
* Taalgebruik: Typisch ambtelijk proza uit de jaren '30 met de kenmerkende 'y' in plaats van 'ij' (gebruikelijk op veel schrijfmachines uit die tijd). Dit document stamt uit de crisisjaren 30 in Amsterdam. De stad kampte met hoge werkloosheid, waardoor de "Ventverordening" streng werd gehandhaafd om de markt te reguleren en te voorkomen dat te veel mensen als straatverkoper hun brood probeerden te verdienen. Het document toont de spanning tussen de behoefte van ondernemers aan personeel en de pogingen van de gemeente om mensen vanuit de sociale bijstand ("steun") aan het werk te krijgen. Wethouder Kropman (Nicolaas Kropman, RKSP) was in die periode verantwoordelijk voor de levensmiddelenvoorziening en marktzaken in Amsterdam. De genoemde firma's, zoals Davia, waren bekende namen in de vroege industriële ijsproductie. Kropman (Wethouder) N. Kropman Marktwezen