Handgeschreven brief (formele correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (formele correspondentie). P. Visel. Onbekende instantie (geadresseerd als "Mijne Heeren"). Mijne Heeren,
Naar aanleiding Uw
schrijven dat ik een
bedrag schuldig ben
van f 5.40 over het
tijdvak 25/5 t en m.
21. 6. 40. , deel ik U
mede dat ik over
dit tijdvak werkloos
was en op heden nog
ben.
P. Visel.
Nieuw adres - Krommewaal 5 I
Adam. West.
[Stempel onderaan:]
Nº 27/44/1 M. 1941 7/7
[Aantekening rechtsboven in ander handschrift:]
mi. Th Müller In dit schrijven reageert P. Visel op een betalingsverzoek van 5 gulden en 40 cent. Deze schuld heeft betrekking op de periode van 25 mei tot en met 21 juni 1940. De schrijver voert als verweer aan dat hij gedurende dit tijdvak werkloos was, en dat hij dat op het moment van schrijven (vermoedelijk medio 1941) nog steeds is. De brief dient als bewijs of verklaring om onder een betalingsverplichting uit te komen, waarschijnlijk aan een ziekenfonds, verzekeringsinstantie of belastingdienst.
Het handschrift is verzorgd en de toon is beleefd doch zakelijk. De vermelding van een "nieuw adres" suggereert een recente verhuizing binnen Amsterdam. De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde periode (mei/juni 1940) markeert de directe nasleep van de Duitse inval. In deze tijd van economische ontwrichting was werkloosheid een wijdverspreid probleem.
Het bedrag van f 5,40 lijkt naar moderne maatstaven gering, maar voor een werkloze in 1941 vertegenwoordigde dit een substantieel bedrag (vergelijkbaar met ongeveer een dagloon van een geschoolde arbeider of meerdere dagen aan steunuitkering). Het stempel onderaan ("M. 1941") duidt op een administratieve verwerking door een gemeentelijke of landelijke instantie, mogelijk de Rijksdienst voor de Werkloosheidsverzekering of een vergelijkbaar sociaal orgaan. De handgeschreven notitie "Th Müller" bovenin zou kunnen verwijzen naar de behandelend ambtenaar. P. Visel