Archief 745
Inventaris 745-351
Pagina 279
Dossier 11
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtsbericht / Intern memorandum van de Directie Marktwezen.

13 december 1941 (met latere aantekeningen van 20 december 1941).

Origineel

Ambtsbericht / Intern memorandum van de Directie Marktwezen. 13 december 1941 (met latere aantekeningen van 20 december 1941). Directie Marktwezen

Den plaatshouders aan de Claes de Vrieselaan is allen den 3den Februari 1936 een marktplaats toegewezen. Zij zijn niet, zooals de andere vaste plaatshouders, ingeschreven op de in artikel 5 van het Reglement op de Markten genoemde sollicitantenlijst. Blijkens artikel 7 van vorenbedoeld Reglement worden de vaste en losse plaatsen toegewezen aan degene, die reeds een andere vaste plaats op de markt bezetten, in de volgorde van hun inschrijving op de in artikel 5 genoemde sollicitantenlijst. Voor een goede marktorde is het gewenscht, dat de opengebleven plaatsen worden toegewezen overeenkomstig de voorschriften. Dienengevolge stel ik voor, vorenbedoelde plaatshouders een sollicitantnummer toe te wijzen. Daarna kunnen de opengebleven plaatsen van de Joodsche kooplieden in de Ten Katestraat, tusschen de Kinkerstraat en de Bellamystraat, worden toegewezen aan de rechthebbenden. Voor de opengevallen plaatsen van de Joodsche plaatshouders tusschen de Kinkerstraat en de J. v. Lennepkade zijn geen gegadigden.

Na inzage van de oude sollicitantenlijst en een toelichting van den heer De Vries, is mij gebleken dat de nummers van 732 t/m 743 kunnen worden toegewezen. Zij die na den 3den Februari 1936 zijn ingeschreven, houden hun sollicitantnummer en staan in ancienniteitsrecht achter de groep Claes de Vrieselaan.

Ik stel voor, vorengenoemde nummers (van 732 t/m 743) in tegenwoordigheid van den Inspecteur en de betrokkenen, bij loting op het marktkantoor toe te wijzen. Daarbij dient m.i. te worden bepaald, dat alle regelingen en faciliteiten met vorenbedoelde groep Claes de Vrieselaan plaatshouders komen te vervallen en dat voortaan uitsluitend overeenkomstig de desbetreffende voorschriften de vacante vaste en losse plaatsen zullen worden toegewezen.

Amsterdam, 13 December 1941

[Handtekening]

Kanttekeningen:
* Links onder: Opbergen. Loting heeft plaats gevonden op 20-12-41. d. Bakker.
* Midden onder: M. 1941 16/12.
* Rechts onder (rood): Insp. s.v.p. Directeur nog mondeling toelichten. Dit document legt een ambtelijke procedure vast voor het regulariseren van marktkooplieden in Amsterdam tijdens de bezetting. De kern van het schrijven is de integratie van een specifieke groep plaatshouders (van de Claes de Vrieselaan) in het officiële systeem van sollicitantenummers.

Opvallend is de zakelijke, bureaucratische toon waarop gesproken wordt over "opengebleven plaatsen van de Joodsche kooplieden". De tekst illustreert hoe de administratie van de stad Amsterdam de uitsluiting van Joden van de openbare markten (een proces dat in 1941 door de bezetter werd gedicteerd) technisch faciliteerde. De vrijgekomen plekken in de Ten Katestraat werden direct opnieuw verdeeld onder niet-Joodse gegadigden via een lotingsysteem om de "marktorde" te handhaven. In december 1941 was de uitsluiting van Joden uit het economische leven in vol stadium. In mei 1941 was het Joden al verboden om markten te bezoeken of daar te handelen, behalve op specifiek aangewezen "Jodenmarkten". Dit document toont de directe gevolgen van deze antisemitische maatregelen: Joodse handelaren die decennialang op de Ten Katemarkt hadden gestaan, verloren hun staanplaatsen en hun bron van inkomsten.

Het document fungeert als een tastbaar bewijs van de 'Arianisering' van de Amsterdamse straathandel, waarbij de gemeentelijke Directie Marktwezen optrad als de uitvoerende instantie die de vrijgekomen economische ruimte herverdeelde onder de resterende bevolking. De vermelding van de datum van de loting (20-12-41) onderstreept de snelheid waarmee deze herverdeling plaatsvond.

Samenvatting

Dit document legt een ambtelijke procedure vast voor het regulariseren van marktkooplieden in Amsterdam tijdens de bezetting. De kern van het schrijven is de integratie van een specifieke groep plaatshouders (van de Claes de Vrieselaan) in het officiële systeem van sollicitantenummers.

Opvallend is de zakelijke, bureaucratische toon waarop gesproken wordt over "opengebleven plaatsen van de Joodsche kooplieden". De tekst illustreert hoe de administratie van de stad Amsterdam de uitsluiting van Joden van de openbare markten (een proces dat in 1941 door de bezetter werd gedicteerd) technisch faciliteerde. De vrijgekomen plekken in de Ten Katestraat werden direct opnieuw verdeeld onder niet-Joodse gegadigden via een lotingsysteem om de "marktorde" te handhaven.

Historische Context

In december 1941 was de uitsluiting van Joden uit het economische leven in vol stadium. In mei 1941 was het Joden al verboden om markten te bezoeken of daar te handelen, behalve op specifiek aangewezen "Jodenmarkten". Dit document toont de directe gevolgen van deze antisemitische maatregelen: Joodse handelaren die decennialang op de Ten Katemarkt hadden gestaan, verloren hun staanplaatsen en hun bron van inkomsten.

Het document fungeert als een tastbaar bewijs van de 'Arianisering' van de Amsterdamse straathandel, waarbij de gemeentelijke Directie Marktwezen optrad als de uitvoerende instantie die de vrijgekomen economische ruimte herverdeelde onder de resterende bevolking. De vermelding van de datum van de loting (20-12-41) onderstreept de snelheid waarmee deze herverdeling plaatsvond.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6