Officiële brief/oproep.
Origineel
Officiële brief/oproep. 8 januari 1941. De Directeur van het Marktwezen. Mw. H. Prins-Polak. [Logo: Wapen van Amsterdam]
MARKTWEZEN AMSTERDAM
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 31/3/4 M
BIJLAGE ____
ONDERWERP :
[Handgeschreven notitie rechtsboven: MvMarden 9/1-'41]
AMSTERDAM (W.) 8 Januari 1941.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
Mw.H.Prins.Polak,
Gelderschekade 73 I,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 1.
Op grond van het feit, dat U geen gevolg hebt gegeven aan de aan U gerichte schriftelyke waarschuwing om Uw plaats op de markt Uilenburg regelmatig te bezetten, behoort Uw marktplaats ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten te worden ingetrokken.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op 15 Januari 1941 tusschen 10 en 12 uur v.m. te komen by den Inspecteur van myn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.
De Directeur,
[Onderaan de pagina:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. * Inhoud: De brief is een formele kennisgeving aan een marktkoopvrouw, Mevr. H. Prins-Polak. Haar wordt medegedeeld dat de gemeente voornemens is haar marktvergunning voor de markt op Uilenburg in te trekken.
* Reden: De reden voor deze maatregel is dat zij haar standplaats niet regelmatig bezet, ondanks een eerdere schriftelijke waarschuwing. Dit is een overtreding van Artikel 11 van het vigerende marktreglement.
* Procedure: Er is nog geen definitief besluit genomen. De ontvanger krijgt de kans om op 15 januari 1941 op gesprek te komen bij de Inspecteur om haar zaak te bepleiten.
* Vorm: Het betreft een standaardformulier (Model No. 8) van de gemeente, wat wijst op een routinematige administratieve handeling voor het Marktwezen. * Tijdsperk: De brief is gedateerd op 8 januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Locatie en Achtergrond: De markt op Uilenburg bevond zich in het hart van de oude Amsterdamse Jodenbuurt. De naam van de geadresseerde, Prins-Polak, en haar woonadres op de Gelderschekade bevestigen dat zij zeer waarschijnlijk van Joodse afkomst was.
* Historische relevantie: Hoewel de brief op het eerste gezicht een gewone administratieve maatregel lijkt over marktverzuim, is de context van januari 1941 cruciaal. Op 10 januari 1941 (twee dagen na deze brief) werd de verordening 6/41 van kracht, die de registratie van alle Joden in Nederland verplichtte.
* Toenemende repressie: In deze periode werd het voor Joodse markthandelaren steeds moeilijker om hun werk uit te oefenen door toenemende beperkingen, intimidatie en de economische uitsluiting die de bezetter stap voor stap doorvoerde. Het "niet regelmatig bezetten" van een marktplaats was vaak geen onwil, maar een direct gevolg van de verslechterende omstandigheden en de dreiging waaraan Joodse Amsterdammers werden blootgesteld. Dit document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie bleef functioneren en regels strikt handhaafde, terwijl de doelgroep van deze regels (de Joodse bevolking) systematisch werd buitengesloten en vervolgd. H. Prins Gemeente Amsterdam Marktwezen