Administratief bijblad/notitie betreffende marktvergunningen.
Origineel
Administratief bijblad/notitie betreffende marktvergunningen. 29 april 1941 t/m 4 juni 1941. [Linkerbovenhoek, in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 33/33/1 1941
DOORGEZONDEN: 29/4-'41.
[Rechterbovenhoek:]
480
[Hoofdtekst:]
J. Canes, pl. 302 Westerstraat
ook pl. 277 Alb. Cuypstraat
Aan J. Canes kan m.i. thans worden toegestaan om zijn rapportplaats op de markt Westerstraat gedurende twee maanden niet in te nemen, mits Canes zorgt, dat het ook tijdens zijn afwezigheid verschuldigde marktgeld wekelijks wordt betaald.
2-5-'41
de Haan
[Handgeschreven toevoeging onderaan:]
Insp. staat toch ook op de Alstraat. Heeft hij daar dan wel handel?
19-5-'41
de Haan
[Diverse ambtelijke aantekeningen en stempels onderop:]
20/5-'41
4/6/'41 [geparafeerd]
Modelbriefje 33/38/217 * Onderwerp: Het document betreft een verzoek van marktkoopman J. Canes om zijn vaste staanplaats (rapportplaats) op de markt in de Westerstraat gedurende twee maanden onbezet te laten.
* Besluitvorming: De ambtenaar (De Haan) adviseert positief op 2 mei 1941, onder de strikte voorwaarde dat het marktgeld wekelijks doorbetaald blijft worden.
* Controle: Op 19 mei 1941 volgt een kritische opmerking ("Insp."): de inspecteur merkt op dat Canes ook een plaats heeft op de Albert Cuypstraat ("Alstraat") en vraagt zich af of hij daar wel handelt terwijl hij voor de Westerstraat verlof vraagt.
* Terminologie: "Rapportplaats" verwijst naar een vaste standplaats op de Amsterdamse markten waarvoor de koopman zich dagelijks moest melden (rapporteren). Dit document stamt uit mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam J. Canes is een veelvoorkomende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. In deze periode nam de druk op Joodse marktkooplieden snel toe.
Slechts enkele maanden na de datum van dit document, in het najaar van 1941, voerden de nazi's verordeningen in waarbij Joden volledig werden geweerd van de reguliere markten en werden verbannen naar specifieke "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Het verzoek van Canes om zijn plaats twee maanden niet in te nemen zou verband kunnen houden met de toenemende restricties, onveiligheid of het wegvallen van handel voor Joodse ondernemers in die bewuste periode. De ambtelijke toon in het document is echter nog strikt zakelijk en procedureel. J. Canes De Haan (inspecteur/ambtenaar).