Archief 745
Inventaris 745-359
Pagina 180
Dossier 103
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief (correspondentie).

16 november 1941. Van: M. Sypestein (vermoedelijk), wonende aan de Commelinstraat 119-III, Amsterdam (Oost). Aan: Afdeling Marktwezen Amsterdam (t.a.v. de Inspecteur). Dossier: 46

Origineel

Handgeschreven brief (correspondentie). 16 november 1941. M. Sypestein (vermoedelijk), wonende aan de Commelinstraat 119-III, Amsterdam (Oost). Afdeling Marktwezen Amsterdam (t.a.v. de Inspecteur). 16 Nov. 1941.
W. Insp.
Marktwezen A. dam

Uw schrijven
d.d. 13 November j.l. no 46 A / 84 / 2 M.
kwam in goede orde in mijn bezit, naar
aanleiding hiervan deel ik U mede,
dat ik inderdaad nooit in zoetwater,,
visch gehandeld heb.
Ik heb in mijn schrijven vermeld een leeg,,
gekomen plaats, waar voorheen een jood
had gestaan, te hebben bezet.
Wanneer wij deze plaatsen op de markt
bezet willen houden (en dat willen wij!)
dan zou het onbillijk zijn wanneer men
ons van deze handel uitsloot.
Daar ik niet geloof dat dit in de be,,
doeling der bevoegde instanties kan
liggen, wendt ik mij, om bovenvermelde
reden tot U met het beleefde verzoek
mij alsnog op de lijst te plaatsen
voor een toewijzing van zoetwatervisch.
In de hoop en vertrouwen een gunstig
antwoord te mogen ontvangen teeken ik
Hoogachtend.
M. Sypestein.

Commelinstraat 119 III
Amsterdam (Oost). De schrijver van de brief reageert op een eerdere mededeling van de inspectie van het Marktwezen. De kern van de brief is een verzoek om een vergunning of toewijzing voor de handel in zoetwatervis. De schrijver geeft toe dat hij hierin geen ervaring heeft ("inderdaad nooit in zoetwatervisch gehandeld heb"), maar baseert zijn recht op een standplaats op het feit dat hij een plek heeft ingenomen die is vrijgekomen door het vertrek van een Joodse koopman.

De toon is formeel, maar vasthoudend. De toevoeging "(en dat willen wij!)" verraadt een zekere assertiviteit van de nieuwe standplaatshouder. Hij beroept zich op de "billijkheid" en gaat ervan uit dat de "bevoegde instanties" (de Duitse bezetter of het door hen gecontroleerde bestuur) het met hem eens zullen zijn dat de nieuwe ("Arische") handelaren gefaciliteerd moeten worden. Dit document is een direct bewijsstuk van de "Arisering" van de Amsterdamse markten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 1941 werden Joodse marktkooplieden stelselmatig verdreven van de reguliere markten. In september 1941 werden zij verbannen naar specifieke "Jodenmarkten", waardoor hun oorspronkelijke plekken op markten zoals de Dappermarkt of de Albert Cuyp vrijkwamen.

Niet-Joodse Amsterdammers maakten soms gebruik van deze situatie door de lege plekken ("leeggekomen plaats") in te nemen. De brief illustreert hoe de uitsluiting en deportatie van de Joodse bevolking leidde tot een herverdeling van economische rechten en middelen, waarbij de afdeling Marktwezen fungeerde als uitvoerder van de nieuwe, discriminerende regelgeving. De datum, november 1941, plaatst dit schrijven in de periode waarin de anti-Joodse maatregelen in Nederland snel achter elkaar werden ingevoerd en gehandhaafd. M. Sypestein W. Insp Marktwezen

Samenvatting

De schrijver van de brief reageert op een eerdere mededeling van de inspectie van het Marktwezen. De kern van de brief is een verzoek om een vergunning of toewijzing voor de handel in zoetwatervis. De schrijver geeft toe dat hij hierin geen ervaring heeft ("inderdaad nooit in zoetwatervisch gehandeld heb"), maar baseert zijn recht op een standplaats op het feit dat hij een plek heeft ingenomen die is vrijgekomen door het vertrek van een Joodse koopman.

De toon is formeel, maar vasthoudend. De toevoeging "(en dat willen wij!)" verraadt een zekere assertiviteit van de nieuwe standplaatshouder. Hij beroept zich op de "billijkheid" en gaat ervan uit dat de "bevoegde instanties" (de Duitse bezetter of het door hen gecontroleerde bestuur) het met hem eens zullen zijn dat de nieuwe ("Arische") handelaren gefaciliteerd moeten worden.

Historische Context

Dit document is een direct bewijsstuk van de "Arisering" van de Amsterdamse markten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 1941 werden Joodse marktkooplieden stelselmatig verdreven van de reguliere markten. In september 1941 werden zij verbannen naar specifieke "Jodenmarkten", waardoor hun oorspronkelijke plekken op markten zoals de Dappermarkt of de Albert Cuyp vrijkwamen.

Niet-Joodse Amsterdammers maakten soms gebruik van deze situatie door de lege plekken ("leeggekomen plaats") in te nemen. De brief illustreert hoe de uitsluiting en deportatie van de Joodse bevolking leidde tot een herverdeling van economische rechten en middelen, waarbij de afdeling Marktwezen fungeerde als uitvoerder van de nieuwe, discriminerende regelgeving. De datum, november 1941, plaatst dit schrijven in de periode waarin de anti-Joodse maatregelen in Nederland snel achter elkaar werden ingevoerd en gehandhaafd.

Genoemde Personen 2

Locaties

Albert Cuypmarkt Dappermarkt

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zoetwatervis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 97

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,26
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,26
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot (zee) Waterlooplein
Bot (zee) Waterlooplein
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
K.G. Schelvisch Waterlooplein
B. Schelvisch Waterlooplein
B. Schelvisch Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
Alle 97 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3