Brief (handgeschreven)
Origineel
Brief (handgeschreven) 14 november 1941 "de Visventers" (collectief) "Weled. heer Directeur" (vermoedelijk van de Centrale Markthallen of de Voedselvoorziening) Amsterdam 14/11 1941
WelEd heer. Directeur
Volgens een uitgegeven regelenent
van 15 October 1941. mag door de kleinhandelaren welke in
deze. tijd een toewijzing krijgen voor versche vis deze vis niet verkocht
worden door andere personen dit geschied nu hier aan de amsterdam
sche vismarkt wel en dat nog wel door personen die hier juist een
goed voorbeeld aan moeten geven. namelijk uit de Commissie welke
voor de mosselen voorziening. zitten en alle weken met zeer grote
winst reeds naar huis gaan. Bijvoorbeeld den heer van Zanten
deze. zit in de Commissie maar neemt evengoed zijn toewijzing
vis welke dan door een. ander persoon. genaamd Arie Coepe
verkocht word. ook tevens zijn mosselen deze gaan dezelfde kant
op tevens leverd hij de vaatjes mosselen aan de Café’s voor f 10
~~waarop~~ terwijl er geen een vaatje aan de markt verschijnt
Ten tweede den heer Sliphout zit ook in het mosselenbedrijf
verdient flink geld met lossen van mosselen maar neemt
zijn portie naar hem toe en laat een ander ze wegmaken tegen
vergoeding Nu staat er uitdrukkelijk in het Regelement als dat
ze niet aan derde mogen overgedaan worden maar uitsluitend zelf
moeten verkoopen aan het publiek zou u voor ons deze zaak
willen onderzoeken
Hoogachtend
de Visventers. * Inhoud: De brief is een formele klacht of aangifte van de Amsterdamse visventers over corruptie en misbruik van de distributieregels. Twee specifieke leden van de 'mosselcommissie', de heren Van Zanten en Sliphout, worden beschuldigd van het doorsluizen van hun persoonlijke toewijzingen (vis en mosselen) naar derden of de zwarte markt (cafés) tegen woekerprijzen (f 10 per vaatje), in plaats van deze zelf aan het publiek te verkopen zoals de verordening van 15 oktober 1941 voorschrijft.
* Taal en Stijl: Het handschrift is een vlot lopend cursief. Er staan enkele spelfouten in ("regelenent", "verkocht word", "leverd"), wat wijst op schrijvers uit de arbeidersklasse. De toon is verontwaardigd; men spreekt over personen die "juist een goed voorbeeld" zouden moeten geven.
* Toestand van het document: Het papier vertoont vouwen en kleine scheurtjes aan de randen, maar de tekst is nagenoeg volledig leesbaar. Er is één doorhaling in de tekst ("waarop"). Dit document stamt uit de Tweede Wereldoorlog (november 1941), een periode van toenemende schaarste en strikte voedseldistributie in het bezette Nederland. De Duitse bezetter en de Nederlandse autoriteiten probeerden de voedselstroom te controleren via een complex systeem van toewijzingen en reglementen.
De brief illustreert de spanningen op de Amsterdamse vismarkt. Terwijl de gewone visventers zich aan de regels moesten houden, profiteerden bevoorrechte personen (commissieleden) van hun positie door goederen buiten de officiële markt om te verhandelen. Dit soort "onderhandse" handel was een doorn in het oog van de kleine handelaren die hun broodwinning zagen verdwijnen. De klacht is een direct gevolg van de invoering van een specifiek nieuw reglement in oktober 1941, bedoeld om de eerlijke verdeling van schaarse verse vis te waarborgen.