Archiefdocument
Origineel
19 november 1941. JB. TIJSEN Dz., Vischhandel en Commissionair in Visch, Visscherij-benoodigdheden. JB. TIJSEN Dz.
DEN OEVER - WIERINGEN
Vischhandel
en Commissionair in Visch
Visscherij - benoodigdheden
Telef. 8 Postgiro No. 32007
No 46A/112/1 M. 1941 26/11
DEN OEVER, 19 Nov 1941
Gemeente Vischhal
Amsterdam
M.
Zoo de toestand is op het
oogenblik met het in beslag nemen
van onder maatse visch naar u markt
zijn we genoodzaakt hier mede uit te -
scheiden ik heb nu al 2 processen loopen
een voor ondermaatse snoekbaars wat
beslist uit gesloten is daar ik zelf de
kleine heb gemeten en ze allen de maat
hadden. En nu weer een voor ondermaat
se aal wat ik niet weet maar erg on
waarschijnlijk is daar er hier aan den af
slag wel naar word gekeken. Maar dit
kan ik niet beoordelen daar wij geen tijd
hebben om alle aal te meten. Maar met
de onkosten en onderhoud van kisten en
de ondergewicht wat nu wel een Dertig
gulden is en dan nog 2 bekeuring kan
dit niet zoo door gaan. Met snoekbaars
komt er dit nog bij wordt deze levend
gemeten met een snoekbaars maat dan
heeft hij de maat is hij dood krimpt
hij dus is te kort dan schijnen ze met
een duimstok te meten wat al nooit
kan. Ik hoop dat u hier wat aan kunt
[rechtsonder:] z.o.z. * Kernproblematiek: De handelaar protesteert tegen bekeuringen voor het aanleveren van vis die te klein zou zijn volgens de regels. Hij stelt dat de vis door hemzelf gemeten is en bij vertrek wel aan de maat was.
* Technisch argument: Tijsen voert een interessant biologisch/technisch argument aan: snoekbaars die levend de juiste maat heeft, krimpt zodra deze dood is. Hij bekritiseert de controleurs die dode vis met een duimstok meten, wat volgens hem een onzuivere meetmethode is.
* Financiële impact: De handelaar benadrukt de hoge kosten. Naast de mogelijke boetes (bekeuringen) verliest hij geld door ondergewicht en de kosten voor het transportmateriaal (kisten). Hij spreekt over een bedrag van dertig gulden, wat in 1941 een aanzienlijk bedrag was voor een kleine ondernemer.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is zakelijk maar emotioneel geladen ("beslist uitgesloten", "wat al nooit kan"). Er zijn enkele grammaticale eigenaardigheden die typerend zijn voor die tijd of streek, zoals "naar u markt" (in plaats van uw markt) en het gebruik van "processen" voor juridische procedures of boetes. * Tijdsbeeld (1941): De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening en handel streng gereguleerd. Controles op kwaliteit en maatvoering waren streng, mede om zwarte handel tegen te gaan en de voedselstandaarden te handhaven.
* Sector: Den Oever was (en is) een belangrijk knooppunt voor de visserij, zeker na de aanleg van de Afsluitdijk. De vis werd vanuit daar verhandeld naar grote steden zoals Amsterdam.
* De Vischhal: De Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam (de Vischhal) was de centrale plek waar de vispartijen werden gekeurd en verhandeld. Geschillen over de kwaliteit of maatvoering van de aangeleverde waar kwamen vaker voor tussen handelaren en de marktmeesters. M.