Doorslag van een officiële brief (administratieve correspondentie).
Origineel
Doorslag van een officiële brief (administratieve correspondentie). 17 december 1941. De Directeur van een niet nader genoemde instantie (gezien de inhoud gelieerd aan de Visscherij-centrale). [Handgeschreven linksboven:] Verzonden 17/12
[Rechtsboven:] HG.
den Heer A. Polak,
Iepenweg 25 I,
Amsterdam-Oost.
Wijk 20.
46A/176/2 M. [tab] 17 December 1941.
Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 13 dezer deel ik U mede, dat na behandeling van Uw verzoek in de door de Visscherij-centrale ingestelde Commissie is gebleken, dat er geen aanleiding bestaat aan Uw verzoek te voldoen.
De Directeur, De tekst is een korte, zakelijke afwijzingsbrief. De heer A. Polak had op 13 december 1941 een verzoek ingediend (waarschijnlijk een bezwaarschrift of een aanvraag voor een vergunning of vrijstelling). Dit verzoek is behandeld door een commissie binnen de "Visscherij-centrale", maar is afgewezen zonder opgaaf van specifieke redenen, anders dan dat er "geen aanleiding" voor inwilliging is gevonden.
De toon is strikt bureaucratisch en afstandelijk, typerend voor de ambtelijke correspondentie tijdens de bezettingsjaren. De handgeschreven notitie "Verzonden 17/12" duidt erop dat dit een archiefexemplaar (doorslag) is voor de eigen administratie van de verzendende instantie. Dit document stamt uit december 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is die van de toenemende uitsluiting van de Joodse bevolking uit het economische en openbare leven.
- De geadresseerde: De naam "Polak" is een veelvoorkomende Joodse achternaam. De Iepenweg 25 I in Amsterdam-Oost bevond zich in de Transvaalbuurt, een wijk die door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de "Joodse wijken" (Wijk 20).
- Visscherij-centrale: Tijdens de bezetting werden vrijwel alle sectoren van de economie onder controle gebracht van "Centrales" of distributie-organen. Joodse ondernemers in de vishandel moesten zich in deze periode wenden tot dergelijke instanties voor vergunningen om hun beroep nog te mogen uitoefenen, of om bezwaar te maken tegen de liquidatie van hun zaak.
- Historische betekenis: Een dergelijke afwijzing was in 1941 vaak meer dan een administratieve formaliteit; het betekende dikwijls het definitieve verlies van inkomsten of rechtsbescherming voor Joodse burgers, als opmaat naar de latere deportaties. Uit externe bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat Abraham Polak, woonachtig op dit adres, in 1942 is weggevoerd en vermoord in Auschwitz. Deze brief illustreert de kille bureaucratische weg die aan die tragedie voorafging. A. Polak
Samenvatting
De tekst is een korte, zakelijke afwijzingsbrief. De heer A. Polak had op 13 december 1941 een verzoek ingediend (waarschijnlijk een bezwaarschrift of een aanvraag voor een vergunning of vrijstelling). Dit verzoek is behandeld door een commissie binnen de "Visscherij-centrale", maar is afgewezen zonder opgaaf van specifieke redenen, anders dan dat er "geen aanleiding" voor inwilliging is gevonden.
De toon is strikt bureaucratisch en afstandelijk, typerend voor de ambtelijke correspondentie tijdens de bezettingsjaren. De handgeschreven notitie "Verzonden 17/12" duidt erop dat dit een archiefexemplaar (doorslag) is voor de eigen administratie van de verzendende instantie.
Historische Context
Dit document stamt uit december 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is die van de toenemende uitsluiting van de Joodse bevolking uit het economische en openbare leven.
- De geadresseerde: De naam "Polak" is een veelvoorkomende Joodse achternaam. De Iepenweg 25 I in Amsterdam-Oost bevond zich in de Transvaalbuurt, een wijk die door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de "Joodse wijken" (Wijk 20).
- Visscherij-centrale: Tijdens de bezetting werden vrijwel alle sectoren van de economie onder controle gebracht van "Centrales" of distributie-organen. Joodse ondernemers in de vishandel moesten zich in deze periode wenden tot dergelijke instanties voor vergunningen om hun beroep nog te mogen uitoefenen, of om bezwaar te maken tegen de liquidatie van hun zaak.
- Historische betekenis: Een dergelijke afwijzing was in 1941 vaak meer dan een administratieve formaliteit; het betekende dikwijls het definitieve verlies van inkomsten of rechtsbescherming voor Joodse burgers, als opmaat naar de latere deportaties. Uit externe bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat Abraham Polak, woonachtig op dit adres, in 1942 is weggevoerd en vermoord in Auschwitz. Deze brief illustreert de kille bureaucratische weg die aan die tragedie voorafging.