Handgeschreven statistisch overzicht/staat van visverkoop.
Origineel
Handgeschreven statistisch overzicht/staat van visverkoop. [Bovenaan de pagina, in het midden:]
210
[Hoofdtekst onderaan het blad:]
Weth. L.M. [rechterzijde:] M.s. op 8 Augs. 1918.
Staat van vischverkoop en ingeleverde bons
op 21 openbare verkoopplaatsen.
week van 29 Juli t/m 3 Augustus
| Datum | afgegeven in ponden (mand op 100 pond gesteld) | terug naar de hal (aantal ponden) | verkocht (in ponden) | aantal ingenomen bons | gemiddeld aantal bons per 100 pond (tot op 1 decimaal) |
|---|---|---|---|---|---|
| 29 Juli | — | — | — | — | — |
| 30 " | — | — | — | — | — |
| 31 " | 13.200 | 41 | 13.159 | 12.615 | 95,9 |
| 1 Augustus | — | — | — | — | — |
| 2 " | 13.200 | 494 | 12.706 | 11.990 | 94,4 |
| 3 " | 13.200 | 196 | 13.004 | 12.106 | 93,1 |
[Rechtsonder:]
DH. Dit document is een administratieve verantwoording van de visdistributie tijdens de Eerste Wereldoorlog. De tabel is nauwgezet ingevuld en bevat de volgende kolommen:
* Afgegeven hoeveelheid: Er werd op de verkoopdagen telkens een standaardhoeveelheid van 13.200 pond vis verstrekt, waarbij gerekend werd met een standaardgewicht van 100 pond per mand.
* Retourstroom: De kolom "terug naar de hal" geeft de onverkochte voorraad aan die terugging naar de centrale visafslag of distributiehal.
* Verkoopcijfers: De effectieve verkoop is het verschil tussen de afgifte en de retourstroom.
* Distributiecontrole: De laatste twee kolommen dienden om de rechtmatigheid van de verkoop te controleren. Door het aantal ingenomen bons af te zetten tegen het gewicht, kon men zien of de vis conform de geldende rantsoenering was verkocht. De gemiddelden (tussen 93,1 en 95,9 bons per 100 pond) wijzen op een consequente handhaving van de distributieregels.
Opmerkelijk is dat er op drie van de zes dagen (maandag, dinsdag en donderdag) geen gegevens zijn ingevuld, wat suggereert dat er op die dagen geen openbare visverkoop plaatsvond, waarschijnlijk door een gebrek aan aanvoer. Het document dateert uit augustus 1918, de laatste fase van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, heersten er grote voedseltekorten door de Britse blokkade en de onbeperkte duikbotenoorlog.
- Distributiestelsel: Om de schaarse levensmiddelen eerlijk te verdelen, was er een streng distributiesysteem met bonkaarten van kracht. "Weth. L.M." staat voor de Wethouder van Levensmiddelen, een functie die in veel steden was ingesteld om de gemeentelijke distributie in goede banen te leiden.
- Vis als vervanger: Omdat vlees zeer schaars en duur was, werd vis een cruciale bron van proteïnen. De overheid reguleerde de prijs en verkoop via "openbare verkoopplaatsen" om speculatie door de tussenhandel tegen te gaan.
- Bureaucratie in oorlogstijd: Dergelijke staten tonen de enorme administratieve last die de oorlog met zich meebracht voor lokale overheden. Elke verkochte pond vis moest verantwoord kunnen worden met een ingeleverde bon.