Ambtsbrief (waarschijnlijk een doorslag of afschrift).
Origineel
Ambtsbrief (waarschijnlijk een doorslag of afschrift). 21 september 1918 (met administratieve aantekeningen van 18 en 24 september 1918). Burgemeester en Wethouders van Amsterdam (ondertekend door Burgemeester J.W.C. Tellegen en Secretaris Dr. Ph. Falkenburg). Zijne Excellentie de Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel, Afdeeling Crisiszaken, 's-Gravenhage. [Handgeschreven, rechtsboven:]
Amst. 18 Sept 1918.
Aan den min v L N en H.
[onleesbare initialen/cijfers]
[Handgeschreven, linksboven:]
4263 M.
[initialen]
[Paars stempel:]
Nº 4263 M. 1918.
[Handgeschreven aantekening, rechtsboven:]
Gezien de Dir. M.
24 Sept 1918
12 [onleesbaar]
[initialen]
[Getypt:]
21 September 8 [1918]
Naar aanleiding van Uw missiven van 7
Augustus No. 43831, Crisiszaken, Volksvoeding
en 13 September j.l., No. 49145, zelfde Afdee-
ling omtrent een schrijven van de Haringven-
tersvereeniging "Helpt Elkander", hebben wij
de eer U te berichten, dat de handel in haring
zoo goed als niets meer beteekent.
Dit heeft tengevolge, dat de haringven-
ters weinig of niets verdienen, omdat het hun
moeilijk valt in dezen tijd een andere brood-
winning te vinden.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
get. TELLEGEN
De Secretaris,
get. FALKENBURG
[Linksonder:]
Zyne Excellentie den Minister
van Landbouw, Nyverheid en Handel.
Afdeeling Crisiszaken.
's Gravenhage.
[Rond stempel rechtsonder:]
GEMEENTE SECRETARIE AMSTERDAM
* [Wapen van Amsterdam] *
AFDEELING LEVENSMIDDELEN
[Handgeschreven paraaf rechtsonder:]
[Onleesbaar]
(Opmerking: De vage handgeschreven tekst die diagonaal over het document loopt, lijkt een doorslag van een ander document of een aantekening op de achterzijde te zijn en behoort niet tot de primaire tekst van deze brief.)
--- Dit document is een officiële rapportage van het Amsterdamse gemeentebestuur aan de rijksoverheid over de penibele situatie van een specifieke groep kleine zelfstandigen: de haringventers.
De kernboodschap is laconiek maar krachtig: de haringhandel ligt volledig stil ("zoo goed als niets meer beteekent"). Dit heeft directe sociale gevolgen, aangezien de venters — verenigd in de vereniging "Helpt Elkander" — geen inkomsten meer hebben en door de oorlogsomstandigheden geen alternatieve werkgelegenheid kunnen vinden.
De brief is ondertekend door burgemeester Jan Willem Tellegen (bekend om zijn sociale betrokkenheid en de woningwet) en de invloedrijke gemeentesecretaris Ph. Falkenburg. Het gebruik van termen als "missiven" en de formele aanhef onderstrepen de hiërarchische verhouding tussen de gemeente en het ministerie.
--- Het document dateert van september 1918, de laatste maanden van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, was de economische impact enorm. De haringvisserij op de Noordzee was nagenoeg onmogelijk geworden door zeemijnen en de Britse blokkades.
Dit leidde tot grote tekorten en werkloosheid. De "Afdeeling Crisiszaken" en "Volksvoeding" van het Ministerie van Landbouw, Nijverheid en Handel waren destijds verantwoordelijk voor het beheer van de schaarse middelen en het verlenen van steun. De haringventers vormden een kwetsbare groep in de Amsterdamse volksbuurten; voor hen betekende het ontbreken van aanvoer directe armoede.
Het stempel "Afdeeling Levensmiddelen" op de brief geeft aan dat de brief binnen de Amsterdamse bureaucratie werd afgehandeld door de dienst die verantwoordelijk was voor de distributie en voedselvoorziening in de stad tijdens de oorlogsjaren.