Ambtelijke correspondentie (brief) betreffende voedseldistributie.
Origineel
Ambtelijke correspondentie (brief) betreffende voedseldistributie. 14 augustus 1918. Salomon Springer, Stadhouderskade 42 (geschreven als "St. Houdk. 42"), Amsterdam. Nº 4307 M. 1918.
Amsterdam 14 Augustus
18
den WeledelH. Salomon Springer.
St. Houdk. 42
Naar aanleiding van
Uw verzoek om terugbetaling wegens
door U verloren bons van aardappelen
deel ik U mede dat bij onderzoek
is gebleken dat de betreffende bons
den 24 Juni zijn ingeleverd en dat
daarop aardappelen zijn afgegeven.
Om deze reden kan ik U geenerlei
vergoeding toekennen.
[Initialen/Handtekening]
[In rode cirkel onderaan:]
Th. O. in besprek
3 Sept. 18
[Initialen]
[Rechtsonder in de marge:]
60
y/2 De brief is een formeel antwoord op een verzoek van een burger, Salomon Springer, om compensatie voor verloren gegane aardappelbonnen. De toon is zakelijk en afwijzend. De instantie (waarschijnlijk de Gemeentelijke Distributiedienst) heeft de claim gecontroleerd aan de hand van de ingeleverde bonnenstaten en geconstateerd dat de bewuste bonnen op 24 juni 1918 al waren gebruikt om aardappelen af te halen. Hieruit blijkt dat er een zeer strikte administratie werd bijgehouden van individuele distributiebonnen om fraude of dubbele verstrekking te voorkomen. De rode aantekening onderaan wijst op een later overleg over deze specifieke zaak in september 1918. Dit document dateert uit het laatste jaar van de Eerste Wereldoorlog (1918). Hoewel Nederland neutraal was, zorgden de internationale blokkades en de beperkte import voor grote voedselschaarste. Om de schaarse middelen eerlijk te verdelen, was er een uitgebreid distributiestelsel opgezet. Burgers kregen distributiekaarten en -bonnen waarmee zij recht hadden op vaste rantsoenen brood, brandstof en aardappelen. Het verlies van deze bonnen betekende vaak directe nood voor een gezin. Tegelijkertijd was de overheid uiterst streng met het vergoeden van verloren bonnen, omdat misbruik van het systeem op de loer lag. De naam "Salomon Springer" en het adres aan de Stadhouderskade duiden op een inwoner van Amsterdam die de dupe werd van deze strikte regelgeving.