Archief 745
Inventaris 745-361
Pagina 71
Dossier 2C
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypt ambtelijk rapport met handgeschreven annotaties en handtekeningen.

1 februari 1941. Van: Een controleur van de Centrale Markt Amsterdam (handtekening mogelijk F. Elthuizen). Aan: De Bedrijfschef van het Marktwezen in Amsterdam.

Origineel

Getypt ambtelijk rapport met handgeschreven annotaties en handtekeningen. 1 februari 1941. Een controleur van de Centrale Markt Amsterdam (handtekening mogelijk F. Elthuizen). De Bedrijfschef van het Marktwezen in Amsterdam. (N.B. Doorgehaalde tekst is weergegeven met een streep. Handgeschreven toevoegingen in de marge en onderaan zijn tussen vierkante haken geplaatst.)

[Bovenaan:]
Nº 53 / 2 / 1 [Stempel:] 1. 1941 ½ [met handgeschreven '2' erdoorheen]

[Midden:]
R A P P O R T

J.J. Smit, wonende 1e Oosterparkstraat heeft een erkenning aangevraagd als kleinhandelaar in groenten en fruit. Bij onderzoek is gebleken, dat hij ~~xxx~~ sedert Augustus 1940 voor eigen rekening ~~ter~~ kleinhandel drijft, terwijl hij ook in dien tijd als personeel van zijn vader toegang heeft gehad tot de Centrale Markt. Gezien het vorenstaande had Smit sinds Augustus 1940 in het bezit moeten zijn van een kooperskaart.

[In de linkermarge bij bovenstaande tekst:]
[Handgeschreven:] Betaald 3/2 '41 per kw. 4466 fl. 5.-

W. Smit, wonende Govert Flinckstraat 107 alhier heeft een erkenning aangevraagd als kleinhandelaar in groenten en fruit. Bij onderzoek is gebleken dat hij sedert Juni 1940 voor eigen rekening zaken doet, terwijl hij ook in dien tijd als personeel van zijn vader, kooper S.P. Smit toegang heeft gehad tot de Centrale Markt. Gezien het vorenstaande had Smit in het bezit moeten zijn van een kooperskaart sinds Juni 1940

[In de linkermarge bij bovenstaande tekst:]
[Handgeschreven:] Betaald 3/2 '41 per kw. 4467 fl. 7.50

[Onderaan rechts:]
Amsterdam 1 Februari 1941
Controleur,
[Handtekening]

[Onderaan links:]
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[Handtekening]

[Handgeschreven onderaan:]
moeten betalen
[Paraaf] 3/2 - '41
bpb [Paraaf] 5/2 '41 Het document is een intern rapport van de Amsterdamse gemeentelijke dienst van het Marktwezen. De strekking is dat twee individuen (J.J. Smit en W. Smit, vermoedelijk broers of familie van elkaar) al maandenlang zelfstandig handel dreven op de Centrale Markt zonder de vereiste 'kooperskaart'. Zij maakten misbruik van de toegang die zij hadden als personeelsleden van hun vader (S.P. Smit).

De handgeschreven aantekeningen in de marge en onderaan tonen de administratieve afhandeling: beide heren zijn gesommeerd te betalen voor de periode dat zij onrechtmatig zonder kaart hebben gehandeld. Op 3 februari 1941 zijn de bedragen van respectievelijk 5 en 7,50 gulden voldaan (gezien de kwitantienummers 4466 en 4467). De tekst "moeten betalen" onderstreept de beslissing van de bedrijfschef. Dit document dateert van februari 1941, een kleine negen maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de controle op de voedselvoorziening en economische distributie door de bezetter en het lokale bestuur aangescherpt. De Centrale Markt in Amsterdam was het zenuwcentrum voor de groothandel in levensmiddelen.

Het bezit van een 'kooperskaart' was een strikte voorwaarde om daar te mogen inkopen. De bureaucratische precisie in dit document illustreert hoe nauwlettend dergelijke economische activiteiten werden gevolgd, zelfs in een tijd van toenemende politieke spanningen (slechts drie weken vóór de Februaristaking). Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse handhavingspraktijk van de Amsterdamse marktmeesters in oorlogstijd.

Samenvatting

Het document is een intern rapport van de Amsterdamse gemeentelijke dienst van het Marktwezen. De strekking is dat twee individuen (J.J. Smit en W. Smit, vermoedelijk broers of familie van elkaar) al maandenlang zelfstandig handel dreven op de Centrale Markt zonder de vereiste 'kooperskaart'. Zij maakten misbruik van de toegang die zij hadden als personeelsleden van hun vader (S.P. Smit).

De handgeschreven aantekeningen in de marge en onderaan tonen de administratieve afhandeling: beide heren zijn gesommeerd te betalen voor de periode dat zij onrechtmatig zonder kaart hebben gehandeld. Op 3 februari 1941 zijn de bedragen van respectievelijk 5 en 7,50 gulden voldaan (gezien de kwitantienummers 4466 en 4467). De tekst "moeten betalen" onderstreept de beslissing van de bedrijfschef.

Historische Context

Dit document dateert van februari 1941, een kleine negen maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de controle op de voedselvoorziening en economische distributie door de bezetter en het lokale bestuur aangescherpt. De Centrale Markt in Amsterdam was het zenuwcentrum voor de groothandel in levensmiddelen.

Het bezit van een 'kooperskaart' was een strikte voorwaarde om daar te mogen inkopen. De bureaucratische precisie in dit document illustreert hoe nauwlettend dergelijke economische activiteiten werden gevolgd, zelfs in een tijd van toenemende politieke spanningen (slechts drie weken vóór de Februaristaking). Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse handhavingspraktijk van de Amsterdamse marktmeesters in oorlogstijd.

Locaties

Amsterdam.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Kooplieden in dit dossier 100