Verzoekschrift / zakelijke brief.
Origineel
Verzoekschrift / zakelijke brief. 8 oktober 1941. Johan van der Werf, wonende aan de Weesperzijde 117-I te Amsterdam. De Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. Amsterdam 8 Oct 1941
Den Heer Directeur
van het marktwezen te
Amsterdam.
Ondergetekende, Johan
van der Werf wonende aan de
Weesperzijde 117 I te Amsterdam,
verzoekt beleefd vergunning
om als vrachtrijder op de
marktterreinen te mogen
rijden met paard en wagen.
Een goedgunstig antwoord
tegemoet ziende, teekent hij.
Hoogachtend
J. v/d Werf
[Stempels/Aantekeningen onderaan:]
№ 53/77/1 M. 1941 8/10
53 De brief is geschreven in een formeel, beleefd taalgebruik dat kenmerkend is voor de vroege 20e eeuw (bijv. "Den Heer", "verzoekt beleefd", "teekent hij"). De schrijver, Johan van der Werf, vraagt om een officiële vergunning om zijn beroep als vrachtrijder uit te oefenen op de Amsterdamse marktterreinen.
Opvallend is dat hij specifiek vermeldt dat dit werk zal gebeuren met "paard en wagen". Dit was in 1941, ondanks de opkomst van gemotoriseerd vervoer, nog steeds een veelvoorkomend gezicht in de Amsterdamse binnenstad, zeker tijdens de oorlogsjaren toen brandstof voor motorvoertuigen schaars was.
De administratieve kenmerken onderaan de brief (het nummer 53/77/1 en de datumstempel 8/10) wijzen op een zorgvuldige archivering door de gemeentelijke dienst van het Marktwezen. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Gedurende deze tijd was het economisch leven in Amsterdam strikt gereguleerd. Voor bijna alle commerciële activiteiten op openbare terreinen, zoals de Centrale Markthallen of de diverse dagmarkten, was een vergunning van de gemeente nodig.
De Weesperzijde, waar de aanvrager woonde, was een buurt waar destijds veel kleine ondernemers en transporteurs gevestigd waren vanwege de nabijheid van uitvalswegen en water. Het Marktwezen hield nauwgezet toezicht op wie er op de terreinen mocht komen om de orde en de distributie van goederen (die vaak op de bon waren) te controleren. Marktwezen
Samenvatting
De brief is geschreven in een formeel, beleefd taalgebruik dat kenmerkend is voor de vroege 20e eeuw (bijv. "Den Heer", "verzoekt beleefd", "teekent hij"). De schrijver, Johan van der Werf, vraagt om een officiële vergunning om zijn beroep als vrachtrijder uit te oefenen op de Amsterdamse marktterreinen.
Opvallend is dat hij specifiek vermeldt dat dit werk zal gebeuren met "paard en wagen". Dit was in 1941, ondanks de opkomst van gemotoriseerd vervoer, nog steeds een veelvoorkomend gezicht in de Amsterdamse binnenstad, zeker tijdens de oorlogsjaren toen brandstof voor motorvoertuigen schaars was.
De administratieve kenmerken onderaan de brief (het nummer 53/77/1 en de datumstempel 8/10) wijzen op een zorgvuldige archivering door de gemeentelijke dienst van het Marktwezen.
Historische Context
Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Gedurende deze tijd was het economisch leven in Amsterdam strikt gereguleerd. Voor bijna alle commerciële activiteiten op openbare terreinen, zoals de Centrale Markthallen of de diverse dagmarkten, was een vergunning van de gemeente nodig.
De Weesperzijde, waar de aanvrager woonde, was een buurt waar destijds veel kleine ondernemers en transporteurs gevestigd waren vanwege de nabijheid van uitvalswegen en water. Het Marktwezen hield nauwgezet toezicht op wie er op de terreinen mocht komen om de orde en de distributie van goederen (die vaak op de bon waren) te controleren.