Ambtelijke correspondentie (doorslag/minuut van een brief/notitie).
Origineel
Ambtelijke correspondentie (doorslag/minuut van een brief/notitie). 4 februari 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Marktwezen of een gelieerde voedselvoorzieningsinstantie). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen. Bladz.
~~xxxxx~~ 3
65/1/6
Amsterdam.
4 Februari 1941
den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
Resumeerende ben ik van meening, dat het streven
der aardappelgrossiers, om hun onkosten zooveel mogelijk te
drukken, alleszins verklaarbaar is; ik geef U mitsdien be-
leefd in overweging, gevolg te geven aan het voorstel, neer-
gelegd in mijn rapport van 31 December jl. No.65/1/1 M.1941.
De Directeur, * Inhoud: De tekst is een afsluitend advies (resumé) aan de Amsterdamse wethouder van Levensmiddelen. De directeur stelt dat de wens van aardappelgrossiers om hun bedrijfskosten te verlagen begrijpelijk is. Hij adviseert de wethouder om akkoord te gaan met een eerder ingediend voorstel uit een rapport van 31 december 1940 (in de tekst aangeduid als "jl." oftewel jongstleden).
* Taal en Stijl: Formeel-ambtelijk taalgebruik ("mitsdien beleefd in overweging", "alleszins verklaarbaar"). De spelling is conform de toen geldende spelling-Marchant (bijv. "meening", "zooveel").
* Fysieke kenmerken: Het betreft een getypte pagina, waarschijnlijk een doorslag op dun papier (gezien de textuur en de vage inkt op sommige plekken). Er is een handmatige correctie zichtbaar bij het paginanummer. Dit document dateert uit de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De voedselvoorziening in Amsterdam was in deze periode een kritieke taak van het gemeentebestuur. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (destijds de pro-Duitse wethouder dr. R.A. (Reinier) Posthuma) hield toezicht op de distributie en prijsvorming van essentiële goederen zoals aardappelen.
De aardappelgrossiers stonden onder druk door rantsoenering en prijsbeheersing vanuit de bezetter. De discussie over het "drukken van onkosten" wijst op een spanningsveld tussen de commerciële belangen van de handelaren en de noodzaak om basisvoedsel betaalbaar te houden voor de bevolking in oorlogstijd. Het genoemde rapport van 31 december 1940 vormde de beleidsmatige basis voor de besluitvorming in de eerste maanden van 1941. Marktwezen