Archiefkaart / Registerblad.
Origineel
Archiefkaart / Registerblad. 1941. | Volgnummer | Datum en nummer der stukken | AFZENDER of GEADRESSEERDE | KORTE INHOUD |
| :--- | :--- | :--- | :--- |
| 66/2 | M. 1941: | Geborgen op 27/4 M. 1941. | |
| 66/06 - | | indien Veilig (M. v. Just.) - | K. Bak vraagt plaats |
| ~~66/1, 2, 3, 4 -~~ | | ~~volgens Th. Driller -~~ | ~~rekening kosten~~ |
| | | | LEGER | * Administratieve structuur: Het blad dient als een index voor documenten onder volgnummer 66. De kolommen helpen bij het traceren van de herkomst, bestemming en status van specifieke stukken.
* Inhoudelijke details:
* Regel 1 (66/2): Geeft aan dat een specifiek stuk is opgeborgen (gearchiveerd) op 27 april 1941. De letter 'M' voor het jaartal kan wijzen op een specifieke archiefcode of maand (Maart).
* Regel 2 (66/06): Betreft een item afkomstig van of gericht aan een veiligheidsafdeling van het Ministerie van Justitie ("indien Veilig (M. v. Just.)"). De korte inhoud "K. Bak vraagt plaats" suggereert een verzoek om aanstelling, huisvesting of opname.
* Doorgehaalde sectie: De informatie over de nummers 66/1 t/m 66/4 is volledig doorgestreept. Dit duidt meestal op een afhandeling, een overdracht naar een ander register, of een administratieve correctie. De namen "Th. Driller" en de term "rekening kosten" wijzen op een financiële afwikkeling.
* Aantekening 'LEGER': De onderstreepte term rechtsonder ("LEGER") kan duiden op de uiteindelijke bestemming van het dossier of de categorie waaronder deze stukken zijn samengebracht. * Tijdsbeeld: Het document dateert uit april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Het Ministerie van Justitie stond in deze periode onder grote druk en de afdeling 'Veiligheid' hield zich bezig met zaken die vaak direct gerelateerd waren aan de handhaving van de openbare orde onder het nieuwe regime.
* Archivistische waarde: Dergelijke kaarten zijn cruciaal voor het reconstrueren van de bureaucratische gang van zaken binnen overheidsinstellingen tijdens de oorlog. Ze tonen hoe individuele verzoeken (zoals die van K. Bak) werden gekoppeld aan ministeriële departementen. K. Bak