Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum op gelinieerd papier. 1 /
Politie sinds October 39
eenige lokaliteiten in gebruik
gehad [doorgehaald: om] voor opleiding
personeel. Bovendien wordt
gebruik gemaakt van het terrein
voor oefeningen.
Ter zake werd gerapporteerd
21 Nov 1939 – no 4/12/5 M. Een
beslissing niet genomen.
Aantal lokaliteiten, aanvankelijk
3. werd later 4.
Thans vraagt politie het
aantal lokaliteiten uit te breiden
tot 8.
De 4 lokaliteiten liggen op
3e verdieping hal. Politie zou
de 4 nieuwe lokaliteiten op de
dezelfde verdieping wenschen, als
4 reeds in gebruik zijnde. Hieraan
kan niet worden voldaan omdat
in de lokaliteiten op 3e verdieping
die in aanmerking zouden komen
meubilair is opgeslagen
levensmiddelen dienst – Rotterdamsche
vluchtelingen. Op 3e verd. nog
maar één lokaal beschikbaar.
Tijdelijk kan politie worden De tekst betreft een logistiek vraagstuk aangaande de huisvesting van de politie in een niet nader genoemd gebouw (mogelijk een kazerne, school of groot overheidsgebouw). De kernpunten zijn:
- Huidig gebruik: Sinds oktober 1939 gebruikt de politie een aantal zalen/lokalen voor de opleiding van personeel en het omliggende terrein voor oefeningen.
- Uitbreidingsverzoek: Het aantal gebruikte lokalen is al gegroeid van 3 naar 4. De politie verzoekt nu om een verdere uitbreiding naar in totaal 8 lokalen, bij voorkeur allemaal op de 3e verdieping van de "hal".
- Conflict in ruimtegebruik: Het verzoek kan niet volledig worden ingewilligd. De overige lokalen op de 3e verdieping zijn namelijk in gebruik als opslagruimte voor meubilair ten behoeve van de "levensmiddelen dienst - Rotterdamsche vluchtelingen". Er is op die verdieping nog slechts één lokaal vrij.
- Status: De notitie breekt af bij de overweging van een tijdelijke oplossing. Dit document is geschreven tijdens de periode van de Nederlandse mobilisatie (voorafgaand aan de Duitse inval in mei 1940). De datum november 1939 plaatst het in de 'Semicorlogstijd' of 'Militarisering' van de Nederlandse samenleving.
Opvallend is de vermelding van "Rotterdamsche vluchtelingen". Hoewel het grote bombardement op Rotterdam pas in mei 1940 plaatsvond, wijst deze opmerking mogelijk op vroege evacuaties of de opvang van mensen uit kwetsbare gebieden die al in 1939 werden verplaatst in het kader van de algemene mobilisatie en de staat van beleg. Het feit dat de "levensmiddelen dienst" hierbij betrokken is, duidt op een centrale overheidsregie voor noodopvang en bevoorrading. Het document illustreert de toenemende druk op publieke gebouwen en middelen door de gelijktijdige behoeften van zowel de politie/defensie als de civiele hulpverlening in oorlogstijd. M. Een Politie