Administratieve notitie op een officieel bijblad.
Origineel
Administratieve notitie op een officieel bijblad. [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 66/14/1 1941
DOORGEZONDEN: 31/5-41.
[Tekst rechtsboven]
Kan niet om 2 maanden
ontheffing krijgen. Kan zonder meer
ontheffing aanvragen maar er kan geen
enkele toezegging worden gedaan dat
hij later, wanneer hij weer plaats aanvraagt
zal worden toegelaten.
[Tekst midden rechts - Besluit]
ontheffing accoord.
met ingang van 1 Juni 41
Weder-toelating zal nader
bezien worden.
JvG [?] 5/6 - 41
[Tekst kolom links]
betaald t/m mei 1941
5 x 41,67 = 208,35
M de Groot
Jaarplaats voor het jaar f 500 =
berekend tegen maand-
tarief zou betaald moeten
worden 5 mnd à f 50,- / f 250.-
[Hoogte?] betaling Art 10 / f 250 = . - voldaan.
Thans na heffing.
[Tekst onderaan]
als de Groot na 2 maanden weer een plaats krijgt
zal hij het maand tarief moeten betalen. Hij heeft
van de ontheffing geen voordeel, immers betaalt hij dan
over 1941 10 x f 50.- f 500.- = gelijk aan jaartarief 500.
[Stempel linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document betreft de administratieve afhandeling van een verzoek tot ontheffing door een zekere M. de Groot. De Groot heeft een 'jaarplaats' waarvoor een tarief van f 500,- per jaar geldt (betaald in termijnen van f 41,67). Hij vraagt blijkbaar ontheffing voor een periode van twee maanden.
De ambtenaar merkt in eerste instantie op dat een ontheffing van slechts twee maanden problematisch is omdat er geen garantie gegeven kan worden op her-toelating. Desondanks wordt de ontheffing per 1 juni 1941 goedgekeurd. De financiële berekening onderaan laat zien dat dit voor De Groot geen financieel gewin oplevert: als hij na twee maanden terugkeert, vervalt zijn recht op het jaartarief en moet hij het hogere maandtarief (f 50,-) betalen voor de resterende maanden. Voor de 10 actieve maanden in 1941 betaalt hij dan alsnog in totaal f 500,-, wat exact gelijk is aan het oorspronkelijke jaartarief. Het document is opgesteld in juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogsomstandigheden ging de reguliere gemeentelijke en provinciale bureaucratie door. De strikte en rekenkundige benadering van het verzoek is typerend voor de Nederlandse administratie uit die tijd. Het formulier "Alg. Zaken Model No. 14" duidt op een gestandaardiseerd proces binnen de afdeling Algemene Zaken van een overheidsinstelling (waarschijnlijk een grote gemeente zoals Amsterdam, gezien het dossiernummer).