Officieel rapport van de gemeente Amsterdam, afdeling Marktwezen.
Origineel
Officieel rapport van de gemeente Amsterdam, afdeling Marktwezen. No 77/13/2 M.1941 6/5
R A P P O R T
Door kooper J.Overeem, werd mij op 30 april 1941 ~~aangifte~~ medegedeeld, dat overkruier J.de Jonge, die voor hem op 29 April 1941 5 mud aardappelen moest vervoeren van de Centrale Markt naar zijn opslagplaats in de Gilles van Ledemberghstraat alhier, daar maar 4 mud had gebracht. Naar aanleiding hiervan hoorde ik, rapporteur heden morgen overkruier de Jonge, die mij verklaarde, dat hij inderdaad voor Overeem 5 mud aardappelen had geladen op de Centrale Markt, doch even later tot de ontdekking was gekomen, dat er een mud van de handkar verdwenen was. Wie of dit gedaan kon hebben wist de Jonge mij niet te vertellen. Hij zelf blijft ontkennen het besproken mud aardappelen te hebben verduisterd. Overeem en de Jonge verklaarden, dat zij de schade welke eerstgenoemde hierdoor heeft te lijden samen door hen zal worden geregeld. In verband met de thans geldende regeling voor toewijzing van aardappelen aan kleinhandelaren, zou Overeem van dit geval mededeeling doen aan het betrokken distributiekantoor.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[handgeschreven paraaf]
Amsterdam 2 Mei 1941
Controleur,
[handgeschreven tekst: opwerpen (ter inzage) en]
[handgeschreven tekst: blijft rustig]
[handgeschreven tekst: 5/5 - '41]
[handgeschreven paraaf / handtekening: Pelthuis]
[rode cijfers: 77/13/417]
[handgeschreven tekst: 6/5/41 HB] Het rapport beschrijft een incident waarbij een 'mud' (een inhoudsmaat van ongeveer 100 liter) aan aardappelen is verdwenen tijdens het transport. De overkruier (iemand die goederen met een handkar vervoert) J. de Jonge beweert dat de zak van zijn kar is gestolen terwijl hij onderweg was van de Centrale Markt naar de opslagplaats van handelaar J. Overeem. Hoewel de diefstal niet bewezen kan worden en De Jonge ontkent het zelf te hebben verduisterd, komen de partijen overeen de schade onderling te regelen. Het document bevat diverse administratieve kenmerken, zoals doorgehaalde woorden en handgeschreven kanttekeningen die wijzen op de interne afhandeling binnen het Amsterdamse Marktwezen. Dit document stamt uit mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en stonden essentiële levensmiddelen zoals aardappelen op de bon (distributie). De vermissing van één mud aardappelen was in die tijd geen klein vergrijp of simpel verlies; vanwege de distributieregels moest de handelaar dit officieel melden bij het distributiekantoor om zijn voorraadadministratie kloppend te houden. Het Marktwezen hield in Amsterdam streng toezicht op de handel en wandel op de Centrale Markt om zwarte handel en verduistering van schaarse goederen tegen te gaan. J. Overeem J. de Jonge Gemeente Amsterdam Marktwezen