Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 115
Dossier 24
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekeningen.

5 juli 1941. Van: De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekeningen. 5 juli 1941. De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam). (Bovenaan, handgeschreven in blauw krijt/potlood): Verzonden 6/7 [onleesbare paraaf, mogelijk W. v. Br...]

(Rechtsboven, getypt): HG.

(Rechts, adresgegevens):
den Heer J.Huitinga,
Mercatorplein 24,
Amsterdam-West.

Wijk 26A.

(Links): 77/28/2 M.
(Rechts): 5 Juli 1941.

(Inhoud):
In verband met het feit, dat U op 4 Juli jl. een kist vuil-
nis heeft gestort op de terreinen der Centrale Markt, ontneem ik U
het recht van toegang tot die markt gedurende drie dagen, namelijk
van Dinsdag 8 tot en met Donderdag 10 Juli a.s.

De Directeur, Dit document is een formeel schrijven waarin een administratieve sanctie wordt opgelegd. De heer J. Huitinga wordt gestraft voor het illegaal storten van afval ("een kist vuilnis") op het terrein van de Centrale Markt in Amsterdam. De straf is een tijdelijk toegangsverbod van drie dagen.

De brief is kort, zakelijk en autoritair van toon. De handgeschreven notitie "Verzonden 6/7" is een administratieve aantekening die bevestigt wanneer de brief daadwerkelijk de deur uit is gegaan. De aanduiding "Wijk 26A" refereert aan de indeling van Amsterdam in administratieve wijken. Voor een handelaar op de markt betekende een toegangsverbod van drie dagen een directe inbreuk op de bedrijfsvoering en inkomsten, wat aangeeft dat dergelijke overtredingen hoog werden opgenomen. De brief is geschreven in juli 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was een essentieel knooppunt voor de voedseldistributie in de stad. In een periode waarin schaarste en rantsoenering steeds nijpender werden, was een strakke regie en handhaving van de orde op de markt voor de autoriteiten van groot belang.

Hoewel het vergrijp — het storten van vuilnis — op zichzelf klein lijkt, illustreert dit document de strikte bureaucratische controle in oorlogstijd. Zelfs kleine ordeverstoringen werden officieel vastgelegd en gesanctioneerd door het marktwezen, dat onder toezicht van de (door de bezetter gecontroleerde) gemeente stond.

Samenvatting

Dit document is een formeel schrijven waarin een administratieve sanctie wordt opgelegd. De heer J. Huitinga wordt gestraft voor het illegaal storten van afval ("een kist vuilnis") op het terrein van de Centrale Markt in Amsterdam. De straf is een tijdelijk toegangsverbod van drie dagen.

De brief is kort, zakelijk en autoritair van toon. De handgeschreven notitie "Verzonden 6/7" is een administratieve aantekening die bevestigt wanneer de brief daadwerkelijk de deur uit is gegaan. De aanduiding "Wijk 26A" refereert aan de indeling van Amsterdam in administratieve wijken. Voor een handelaar op de markt betekende een toegangsverbod van drie dagen een directe inbreuk op de bedrijfsvoering en inkomsten, wat aangeeft dat dergelijke overtredingen hoog werden opgenomen.

Historische Context

De brief is geschreven in juli 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was een essentieel knooppunt voor de voedseldistributie in de stad. In een periode waarin schaarste en rantsoenering steeds nijpender werden, was een strakke regie en handhaving van de orde op de markt voor de autoriteiten van groot belang.

Hoewel het vergrijp — het storten van vuilnis — op zichzelf klein lijkt, illustreert dit document de strikte bureaucratische controle in oorlogstijd. Zelfs kleine ordeverstoringen werden officieel vastgelegd en gesanctioneerd door het marktwezen, dat onder toezicht van de (door de bezetter gecontroleerde) gemeente stond.

Gerelateerde Documenten 6