Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 20 augustus 1941. De Directeur van de Centrale Markt (Amsterdam). [Handgeschreven, blauw:] G. Broene [?]
[Handgeschreven, blauw:] Verzonden 21/8
[Getypt:] G.
77/45/3 M
1
20 Augustus 1941.
Straf J. Kalsbeek
Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bylage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 15 Augustus 1941 door den contrôleur H. Fleysman van myn dienst opgemaakt rapport, waaruit blykt, dat J. Kalsbeek, wonende Govert Flinckstraat 189, wien als personeel van den kooper Th. Beusekom toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar heeft schuldig gemaakt aan diefstal van een kist ten nadeele van den grossier G. Groeneveld, gevestigd op de Centrale Markt. Terzake van dit feit is geen proces-verbaal opgemaakt, daar voornoemde grossier geen aangifte by de Politie wilde doen. Kalsbeek voornoemd is, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, dezerzijds gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tyd van veertien dagen, namelyk van 22 Augustus tot en met 4 September 1941.
Ik ben van meening, dat Kalsbeek in verband met den door hem gepleegden diefstal voor langeren tyd van de Centrale Markt moet worden geweerd en ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat Kalsbeek in aansluiting op myn straf, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door den Regeeringscommissaris voor Amsterdam wordt gestraft met ontneming van het recht van toegang voor den tyd van vier maanden, zulks met ingang van 5 September a.s.
J. Kalsbeek voornoemd heeft zich tevoren nimmer aan eenig strafbaar feit op de Centrale Markt schuldig gemaakt.
De Directeur, Deze brief betreft een disciplinaire maatregel tegen een zekere J. Kalsbeek, een medewerker van een inkoper op de Centrale Markt in Amsterdam. Kalsbeek is betrapt op het stelen van een kist van een grossier. Hoewel de gedupeerde grossier (G. Groeneveld) geen officiële aangifte bij de politie deed, nam de directie van de markt zelf maatregelen op basis van het marktreglement.
De directeur heeft Kalsbeek een directe toegangsontzegging van 14 dagen opgelegd. Hij vindt deze straf echter onvoldoende gezien de aard van het vergrijp (diefstal) en verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om een zwaardere straf van vier maanden uitsluiting te bewerkstelligen via de Regeringscommissaris. Opvallend is dat de directeur vermeldt dat de dader geen eerdere overtredingen op zijn naam had staan, maar desondanks pleit voor een significante verhoging van de strafmaat. Het document dateert van augustus 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De context van de Tweede Wereldoorlog is cruciaal voor het begrip van dit document:
- Voedselvoorziening: De Centrale Markt was van vitaal belang voor de voedseldistributie in Amsterdam. Diefstal in deze sector werd in oorlogstijd extra streng bestraft vanwege de schaarste.
- Bestuurlijke structuur: Er wordt gesproken over de "Regeeringscommissaris voor Amsterdam". In 1941 waren de democratische organen (zoals de gemeenteraad) door de bezetter buiten spel gezet. Amsterdam werd bestuurd door een regeringscommissaris (destijds Edward Voûte), die de bevoegdheden van de burgemeester en de raad had overgenomen.
- Administratieve taal: Het gebruik van de "y" in woorden als "namelyk" en "blykt" is kenmerkend voor de toenmalige spelling en ambtelijke stijl.
- Handhaving: De keuze van de grossier om geen aangifte te doen bij de politie (mogelijk om bemoeienis van de bezetter of de Nederlandse politie te vermijden) weerhield de marktdirectie er niet van om de zaak intern-bestuurlijk zeer streng af te handelen.