Proces-verbaal / Ambtelijke verklaring (pagina 3).
Origineel
Proces-verbaal / Ambtelijke verklaring (pagina 3). 12 september 1941. [Pagina begint midden in een zin]
het achterterrein langs bedoelden spoorbaan blijven staan, vanwaar ze later door ons personeel worden overgebracht naar de emballageloods. Zooals U mij thans mededeelt heeft de persoon, die U mij vertoont (ik, verbalisant, vertoon aan Kluft voorgenoemden Willem Blanken), op Donderdag 14 Augustus 1941 en op Zaterdag 16 Augustus 1941 respectievelijk 20 en 14 kisten van een partij, welke daar stond, weggenomen en bij Barend van Dijk ingeleverd. Hij zou dit hebben gedaan op verzoek van een hem onbekend persoon en ook aan dezen het statiegeld hebben gegeven. Ik heb echter aan Blanken, noch aan iemand anders toestemming gegeven om deze kisten weg te nemen of te doen wegnemen, noch daar op andere wijze over te beschikken. Door het verdwijnen van deze kisten heeft onze N.V. een schade van 34 maal f 0,60 alsoo f 20,40. Indien hiertoe termen aanwezig verzoek ik U tegen Blanken en wie hier verder bij betrokken mogen zijn, een strafrechtelijke vervolging in te stellen. Na voorlezing volhard ik bij deze verklaring en teeken haar met U".
[Handtekening links: B. Felthuis] [Handtekening rechts: Kluft]
Waar, zooals mij bij onderzoek bleek, de besproken 34 kisten door Barend van Dijk reeds waren verzonden, kon door mij niets inbeslaggenomen worden. Na voorloopig door mij te zijn gehoord, heb ik Blanken weer heengezonden. En heb ik hiervan dit proces-verbaal, op den door mij afgelegden ambtseed opgemaakt, geteekend en gesloten te Amsterdam, 12 September 1941.
De Ambtenaar van het Marktwezen,
(B. Felthuis).
[Handtekening: B. Felthuis]
Gezien:
De Commissaris van Politie, * Inhoud: Het document is de afsluiting van een getuigenverklaring van een persoon genaamd Kluft (waarschijnlijk een bedrijfsleider of beheerder van een N.V.). Hij verklaart dat Willem Blanken zonder toestemming 34 kisten heeft meegenomen van een achterterrein bij het spoor. De kisten zijn verkocht aan Barend van Dijk. De verdachte (Blanken) voert als verweer aan dat hij in opdracht van een vreemde handelde en het statiegeld heeft afgedragen.
* Juridische aspecten: Er wordt expliciet verzocht om strafrechtelijke vervolging. De verbalisant (Felthuis) merkt op dat de goederen niet meer in beslag genomen kunnen worden omdat ze al door de heler/koper (Van Dijk) zijn doorgezonden.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands uit de eerste helft van de 20e eeuw (bijv. "alsoo", "voorgenoemden", "indien hiertoe termen aanwezig").
* Staat van het document: Het betreft een doorslag of getypt origineel met originele handtekeningen. De tekst bevat een correctie in de getypte tekst (het tussen haakjes geplaatste deel over de vertoonde persoon). * Tijdsbeeld: Het document dateert van september 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het document geen direct politieke lading heeft, valt het binnen de dagelijkse rechtshandhaving van die tijd.
* Economische context: In de oorlogsjaren ontstond er een toenemende schaarste aan materialen. Emballage (kisten, verpakkingen) kreeg hierdoor een grotere waarde, wat leidde tot een toename van kleine criminaliteit en verduistering rondom logistieke knooppunten zoals spoorwegen en markten.
* Instantie: De Dienst van het Marktwezen in Amsterdam hield toezicht op de handel en de markten (zoals de Centrale Markthallen). Ambtenaren van deze dienst hadden vaak een opsporingsbevoegdheid voor markt-gerelateerde delicten.