Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 323
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag), bladzijde 2.

6 september 1941. Van: De Directeur van het Marktwezen (Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag), bladzijde 2. 6 september 1941. De Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Bladzijde 2 van brief No. 77/50/4 M. d.d. 6 September 1941 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.

man van deze Weermacht. Daarom kan inkooper Pieterman, die, in dienst van De Jong, reeds sedert meer dan een jaar, de leveranties aan de Duitsche Weermacht verzorgt, momenteel, in den tijd van de zomergroenten, niet gemist worden. De heeren De Jong en bedoelde vertegenwoordiger der Duitsche Weermacht achten het niet mogelijk om binnen enkele dagen een geschikten plaatsvervanger voor Pieterman te vinden. Alle onderdeelen der Weermacht moeten precies op tijd worden bediend en dit zal gaan haperen, indien Pieterman van de Centrale Markt wordt uitgesloten. Bovendien moet grossier De Jong van 18 tot einde September a.s. voor zaken naar Oostenrijk en Hongarije, zoodat dan, zonder Pieterman, de bovenbedoelde leveringen zeker zouden stagneeren. De heeren De Jong en de vertegenwoordiger van de Luftgau, erkennende, dat strafmaatregelen ten opzichte van Pieterman op hun plaats zijn, hebben mijn medewerking ingeroepen om de straf op te schorten tot November a.s. De zomergroenten komen dan niet meer ter markt en voor de winterproducten gelden de geopperde bezwaren lang niet in die mate.

Ik kan mij hiermede, gelet op de moeilijkheden, die de voorziening der Duitsche Weermacht bij handhaving van de opgelegde straf zou kunnen ondervinden, wel vereenigen. Ik stel mij dan ook voor om de betreffende uitsluiting van Pieterman te doen ingaan op 3 November a.s. tot en met 15 November daaraanvolgend. Ik verzoek U beleefd mij te willen berichten, of U zich hiermede kunt vereenigen; in dat geval moet mijns inziens Pieterman voornoemd, in aansluiting op de door mij opgelegde straf, door den heer Burgemeester van Amsterdam het recht van toegang tot de Centrale Markt worden ontnomen voor den tijd van 1 1/2 maand, zulks met ingang van 16 November 1941.

De Directeur, * Kern van het document: De brief behandelt een administratieve straf voor een zekere "inkooper Pieterman". Hoewel de aard van de overtreding niet wordt genoemd, is de straf een ontzegging van de toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam. De Directeur van het Marktwezen stelt voor deze straf uit te stellen naar het najaar (november 1941).
* Motivering voor uitstel: Pieterman wordt essentieel geacht voor de voedselvoorziening van de Duitse bezettingsmacht (de Wehrmacht en specifiek de Luftgau). Zijn werkgever, grossier De Jong, is eind september afwezig, waardoor Pieterman onmisbaar is om stagnatie in de leveringen te voorkomen. De zomergroenten-periode wordt als cruciaal bestempeld.
* Juridische/bestuurlijke context: Er is sprake van een dubbele sanctionering. Eerst een uitsluiting door de Directeur van het Marktwezen (3 t/m 15 november), direct gevolgd door een marktverbod van anderhalve maand opgelegd door de Burgemeester van Amsterdam.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige officiële spelling ("Duitsche", "hiermede", "stagneeren") en een beleefde doch zakelijke ambtelijke toon. Dit document stamt uit het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Het illustreert de pragmatische en vaak dwingende samenwerking tussen het Nederlandse gemeenteapparaat en de bezetter. De voedselvoorziening was strikt gereguleerd via de Centrale Markt in Amsterdam. Wanneer het belang van de Wehrmacht in het geding kwam, konden civiele straffen of regels worden aangepast of uitgesteld. De vermelding van de "Luftgau" wijst op de betrokkenheid van de Duitse luchtmachtadministratie bij de lokale logistiek. Het document toont aan hoe economische collaboratie (het leveren aan de vijand) leidde tot een bevoorrechte positie waarin men tijdelijk boven de normale marktregels kon komen te staan.

Samenvatting

  • Kern van het document: De brief behandelt een administratieve straf voor een zekere "inkooper Pieterman". Hoewel de aard van de overtreding niet wordt genoemd, is de straf een ontzegging van de toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam. De Directeur van het Marktwezen stelt voor deze straf uit te stellen naar het najaar (november 1941).
  • Motivering voor uitstel: Pieterman wordt essentieel geacht voor de voedselvoorziening van de Duitse bezettingsmacht (de Wehrmacht en specifiek de Luftgau). Zijn werkgever, grossier De Jong, is eind september afwezig, waardoor Pieterman onmisbaar is om stagnatie in de leveringen te voorkomen. De zomergroenten-periode wordt als cruciaal bestempeld.
  • Juridische/bestuurlijke context: Er is sprake van een dubbele sanctionering. Eerst een uitsluiting door de Directeur van het Marktwezen (3 t/m 15 november), direct gevolgd door een marktverbod van anderhalve maand opgelegd door de Burgemeester van Amsterdam.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige officiële spelling ("Duitsche", "hiermede", "stagneeren") en een beleefde doch zakelijke ambtelijke toon.

Historische Context

Dit document stamt uit het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland. Het illustreert de pragmatische en vaak dwingende samenwerking tussen het Nederlandse gemeenteapparaat en de bezetter. De voedselvoorziening was strikt gereguleerd via de Centrale Markt in Amsterdam. Wanneer het belang van de Wehrmacht in het geding kwam, konden civiele straffen of regels worden aangepast of uitgesteld. De vermelding van de "Luftgau" wijst op de betrokkenheid van de Duitse luchtmachtadministratie bij de lokale logistiek. Het document toont aan hoe economische collaboratie (het leveren aan de vijand) leidde tot een bevoorrechte positie waarin men tijdelijk boven de normale marktregels kon komen te staan.

Gerelateerde Documenten 6