Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 502
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Doorslag van een officiële kennisgeving/brief.

19 december 1941. Van: De Directeur van de Centrale Markt, Amsterdam.

Origineel

Doorslag van een officiële kennisgeving/brief. 19 december 1941. De Directeur van de Centrale Markt, Amsterdam. [Handgeschreven potlood, bovenaan]: Verzonden 19/12
[Handgeschreven inkt, rechtsboven]: W. Brouwer [?]

[Getypt midden]:
den Heer G.J.Oosterhof,
Minahassastraat 15 III,
Amsterdam-Oost.

[Getypt rechts]:
Wijk 18A.
19 December 1941.
77/94/3 M.

[Getypt hoofdtekst]:
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 15 December jl. op de Centrale Markt hebt schuldig gemaakt aan diefstal van twee zakken aardappelen. Op grond van dit feit ontzeg ik U, ingevolge artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, den toegang tot die markt voor den tijd van veertien dagen, namelijk van Maandag 22 December 1941 tot en met Zondag 4 Januari 1942, terwijl ik aan den Burgemeester de vraag ter beoordeeling heb voorgelegd, of U voor langeren termijn behoort te worden uitgesloten.

De Directeur,

[Handgeschreven potlood, midden links]: 23/12/41 [?] / [?]’s

[Handgeschreven rode inkt]:
77/94/5 afschr. rapp. instr. klacht Politie

[Handgeschreven groene inkt]:
mededeelbrief v/ W.C.M.
Betreft hier diefstal
goederen, dus 6 maanden
[Geparafeerd: D?]

--- Het document is een officiële strafmaatregel opgelegd door de directie van de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De heer Oosterhof wordt beschuldigd van het stelen van twee zakken aardappelen op 15 december 1941.

De directe sanctie is een marktverbod van twee weken (tijdens de kerstperiode van 1941). De brief vermeldt echter ook dat de zaak is voorgelegd aan de burgemeester voor een eventuele zwaardere straf. De handgeschreven aantekeningen onderaan het document zijn cruciaal:
1. Rode inkt: Verwijst naar een dossiernummer (77/94/5) en het doorsturen van rapporten naar de politie.
2. Groene inkt: Deze lijkt de definitieve beslissing of een advies weer te geven. Er staat "dus 6 maanden", wat suggereert dat de aanvankelijke straf van 14 dagen aanzienlijk is verzwaard naar een half jaar uitsluiting vanwege de ernst van het feit (diefstal van goederen).

--- * Voedselvoorziening en Bezetting: In december 1941 was Nederland ruim anderhalf jaar bezet door nazi-Duitsland. De schaarste nam toe en de distributie van voedsel werd streng gecontroleerd. De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening voor de stad.
* Diefstal als Economisch Vergrijp: Diefstal van primaire levensmiddelen zoals aardappelen werd in deze periode zeer zwaar opgenomen. Het werd niet alleen gezien als diefstal van eigendom, maar ook als een ondermijning van de gecontroleerde voedseldistributie.
* Bestuur: De burgemeester van Amsterdam was in deze periode de regeringsgetrouwe (pro-Duitse) Edward Voûte. Het feit dat de marktdirecteur dergelijke zaken aan de burgemeester voorlegde, toont de korte lijnen en de strenge handhaving van de openbare orde en economische discipline tijdens de bezettingsjaren.
* Sancties: De verzwaring van 14 dagen naar 6 maanden (zoals gesuggereerd door de groene inkt) past in het beeld van de escalerende strafmaten gedurende de oorlogsjaren voor vergrijpen die de voedselketen raakten.

Samenvatting

Het document is een officiële strafmaatregel opgelegd door de directie van de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De heer Oosterhof wordt beschuldigd van het stelen van twee zakken aardappelen op 15 december 1941.

De directe sanctie is een marktverbod van twee weken (tijdens de kerstperiode van 1941). De brief vermeldt echter ook dat de zaak is voorgelegd aan de burgemeester voor een eventuele zwaardere straf. De handgeschreven aantekeningen onderaan het document zijn cruciaal:
1. Rode inkt: Verwijst naar een dossiernummer (77/94/5) en het doorsturen van rapporten naar de politie.
2. Groene inkt: Deze lijkt de definitieve beslissing of een advies weer te geven. Er staat "dus 6 maanden", wat suggereert dat de aanvankelijke straf van 14 dagen aanzienlijk is verzwaard naar een half jaar uitsluiting vanwege de ernst van het feit (diefstal van goederen).


Historische Context

  • Voedselvoorziening en Bezetting: In december 1941 was Nederland ruim anderhalf jaar bezet door nazi-Duitsland. De schaarste nam toe en de distributie van voedsel werd streng gecontroleerd. De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening voor de stad.
  • Diefstal als Economisch Vergrijp: Diefstal van primaire levensmiddelen zoals aardappelen werd in deze periode zeer zwaar opgenomen. Het werd niet alleen gezien als diefstal van eigendom, maar ook als een ondermijning van de gecontroleerde voedseldistributie.
  • Bestuur: De burgemeester van Amsterdam was in deze periode de regeringsgetrouwe (pro-Duitse) Edward Voûte. Het feit dat de marktdirecteur dergelijke zaken aan de burgemeester voorlegde, toont de korte lijnen en de strenge handhaving van de openbare orde en economische discipline tijdens de bezettingsjaren.
  • Sancties: De verzwaring van 14 dagen naar 6 maanden (zoals gesuggereerd door de groene inkt) past in het beeld van de escalerende strafmaten gedurende de oorlogsjaren voor vergrijpen die de voedselketen raakten.

Gerelateerde Documenten 6