Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 522
Jaar 1941
Stadsarchief

Administratieve notitie op een voorgedrukt bijblad (formulier).

Dossier: 14, 37/140/1

Origineel

Administratieve notitie op een voorgedrukt bijblad (formulier). [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 37/140/1 1941
DOORGEZONDEN: 20/12-'41.

[Handgeschreven aantekeningen links in potlood en rode inkt]
20/12/41 NB
77/96/3 [en] 77/96/4
Modelbriefje
v Graaf v Schaik
agenda no 22/11 41
en 21/11-'41

[Hoofdtekst rechts in inkt]
Bij de graaf en v Schaik
en de J winkeliers een
poging tot E. M. v Haard.

bz 29/12-41

Bij de Graaf en v Schaik is het
vonnis aan het stadhuis aangeplakt.
[Paraaf] Het document is een ambtelijke correspondentie of dossiernotitie, waarschijnlijk van een gemeentelijke afdeling 'Algemene Zaken'. De tekst relateert de personen "De Graaf" en "Van Schaik" aan "J. winkeliers" (zeer waarschijnlijk Joodse winkeliers) en een "poging tot E. M. v Haard" (deze afkorting/naam is onduidelijk, maar zou kunnen verwijzen naar een specifieke locatie of een juridische kwalificatie).

De meest significante zin is: "Bij de Graaf en v Schaik is het vonnis aan het stadhuis aangeplakt." In de context van de bezettingsjaren duidt dit op een officiële, publieke bekendmaking van een veroordeling door de Duitse autoriteiten. Dergelijke aanplakkingen werden gebruikt als afschrikmiddel voor de rest van de bevolking na daden van verzet of sabotage. Het document dateert uit november/december 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de repressie tegen het Nederlands verzet en de Joodse bevolking sterk opvoerde. De namen "De Graaf" en "Van Schaik" komen vaker voor in dossiers van vroeg verzetswerk; Arie de Graaf was bijvoorbeeld een bekende verzetsman die in 1941 werd geëxecuteerd. De vermelding van het aanplakken van het vonnis op het stadhuis suggereert dat deze mannen waren veroordeeld voor activiteiten die de bezetter als crimineel of vijandig beschouwde, mogelijk in relatie tot de bescherming van of interactie met Joodse winkeliers. M. No Stadhuis

Samenvatting

Het document is een ambtelijke correspondentie of dossiernotitie, waarschijnlijk van een gemeentelijke afdeling 'Algemene Zaken'. De tekst relateert de personen "De Graaf" en "Van Schaik" aan "J. winkeliers" (zeer waarschijnlijk Joodse winkeliers) en een "poging tot E. M. v Haard" (deze afkorting/naam is onduidelijk, maar zou kunnen verwijzen naar een specifieke locatie of een juridische kwalificatie).

De meest significante zin is: "Bij de Graaf en v Schaik is het vonnis aan het stadhuis aangeplakt." In de context van de bezettingsjaren duidt dit op een officiële, publieke bekendmaking van een veroordeling door de Duitse autoriteiten. Dergelijke aanplakkingen werden gebruikt als afschrikmiddel voor de rest van de bevolking na daden van verzet of sabotage.

Historische Context

Het document dateert uit november/december 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de repressie tegen het Nederlands verzet en de Joodse bevolking sterk opvoerde. De namen "De Graaf" en "Van Schaik" komen vaker voor in dossiers van vroeg verzetswerk; Arie de Graaf was bijvoorbeeld een bekende verzetsman die in 1941 werd geëxecuteerd. De vermelding van het aanplakken van het vonnis op het stadhuis suggereert dat deze mannen waren veroordeeld voor activiteiten die de bezetter als crimineel of vijandig beschouwde, mogelijk in relatie tot de bescherming van of interactie met Joodse winkeliers.

Genoemde Personen 1

M. No

Producten

Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Stadhuis

Gerelateerde Documenten 6