Getypte kennisgeving/memo.
Origineel
Getypte kennisgeving/memo. Januari 1942 ("1-'42"). Redactie Heerenboekje, C.S. (Centrale Secretarie) Stadhuis Amsterdam. Veranderingen en adreswijzigingen, die na de terugzen-
ding plaats hebben, kunnen aan de Redactie van het Heeren-
boekje (telefoon Raadhuis 43130 en 43321, toestellen 311 en
312) worden opgegeven. Zoo eenigszins mogelijk worden ze nog
in het boekje vermeld.
Redactie Heerenboekje.
[handtekening: G. Mol]
Aan Heeren
Hoofden van Bedrijven en Diensten
en Chefs van Afdeelingen ter
Gemeentesecretarie.
C.S. Stadhuis
A'dam 1-'42
[Onderaan het blad is in vage doorslag/spiegelbeeld de tekst "GEMEENTE AMSTERDAM" zichtbaar] Het document is een zakelijke, administratieve oproep van de redactie van het 'Heerenboekje'. Dit was een jaarlijkse gids of almanak waarin de namen, functies en vaak ook privéadressen van hogere Amsterdamse gemeenteambtenaren stonden vermeld.
De tekst is opgesteld in de toen gangbare formele spelling (bijv. "Heeren-boekje", "Zoo", "Afdeelingen"). Er wordt verzocht om wijzigingen die optreden na het terugzenden van eerdere formulieren alsnog telefonisch door te geven aan het Raadhuis. De handtekening onder de redactie is waarschijnlijk van G. Mol, een functionaris betrokken bij de gemeentelijke administratie. De vermelding "C.S. Stadhuis" duidt op de Centrale Secretarie, die destijds gevestigd was in het Prinsenhof aan de Oudezijds Voorburgwal. De datering van het document, januari 1942, is historisch relevant. Nederland bevond zich op dat moment in de twintigste maand van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. Desondanks bleef het gemeentelijk apparaat in Amsterdam grotendeels intact en functioneerde de bureaucratie door.
Het bijhouden van het "Heerenboekje" was een teken van deze administratieve continuïteit. In deze periode vonden er echter ook veel gedwongen personele wijzigingen plaats binnen de gemeente, onder meer door het ontslag van Joodse ambtenaren in 1940/1941 en de vervanging van niet-meewerkende functionarissen door NSB'ers. Dit maakte het actueel houden van dergelijke naamlijsten voor de bezetter en de collaborerende overheid van groot organisatorisch belang.