Officieel memo of antwoordkaart (waarschijnlijk een doorslag of kladversie voor het archief).
Origineel
Officieel memo of antwoordkaart (waarschijnlijk een doorslag of kladversie voor het archief). Juni 1942 (stempels/notities vermelden 2 juni, 3 juni, 8 juni en 13 juni). [Gedrukt kader linksboven]
B I J B L A D V A N :
M. No. 1/45/1 1942
DOORGEZONDEN: 3/6
[In rood potlood]
1/45/2
[Handgeschreven tekst rechtsboven - kladnotities]
uiteraard
Bericht dat het niet
mogelijk is met alle
bijzondere omstandigheden
rekening te houden. 13/6 42
[Hoofdtekst - Handgeschreven]
Mej. M. H. Holthuizen
n.a.v. Uw brief d.d. 2 Juni j.l.
bericht ik U, dat het uiteraard niet
mogelijk is met alle bijzondere om-
standigheden rekening te houden.
Aan Uw verzoek [doorgehaald: tegemoet]
gaande te [onleesbaar, mogelijk: treffen] kan derhalve niet
worden voldaan.
[Linksonder gedrukt]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727
[Rechtsonder handgeschreven]
8/6 42 [Paraaf/Initialen, mogelijk: DD] Dit document betreft een ambtelijke afwijzing op een verzoek van een burger, ene Mejuffrouw M.H. Holthuizen. De kern van de boodschap is dat de instantie niet in staat is om rekening te houden met haar "bijzondere omstandigheden".
Het document is interessant vanwege de verschillende stadia die het laat zien:
1. Ingang: De referentie naar een brief van 2 juni.
2. Verwerking: De datum "3/6" (3 juni) bij 'doorgezonden'.
3. Besluitvorming: De hoofdtekst gedateerd op 8 juni ("8/6 42"), waarin het verzoek formeel wordt afgewezen.
4. Archivering/Nabehandeling: De potloodnotities bovenaan, gedateerd op 13 juni, lijken een samenvatting of een instructie voor een definitief antwoord te zijn.
De taal is formeel-ambtelijk ("n.a.v.", "j.l.", "derhalve niet worden voldaan") en de toon is rigide, wat kenmerkend is voor de bureaucratische afhandeling van zaken in die periode. Het document dateert uit juni 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding "Alg. Zaken-Model No. 14" wijst op een gemeentelijke of provinciale administratie.
In 1942 was de schaarste groot en waren de regels voor vrijwel alles (distributie, reizen, vergunningen) extreem streng. Het feit dat een verzoek vanwege "bijzondere omstandigheden" wordt afgewezen, past in het tijdsbeeld van een overheid die weinig ruimte liet voor individuele uitzonderingen, mede door de druk van de bezetter en de steeds nijpender wordende economische situatie. Zonder verdere context van de oorspronkelijke brief van Mej. Holthuizen is het onduidelijk waar haar verzoek precies over ging (bijv. een extra toewijzing van bonnen, een vergunning, of een vrijstelling), maar de standaardformulering suggereert een categorische afwijzing. H. Holthuizen M. No M.H. Holthuizen