Archief 745
Inventaris 745-368
Pagina 345
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

30 mei 1942. Van: Keuringsdienst van Waren, Keizersgracht 732-734, Amsterdam. Aan: Den Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat, Amsterdam.

Origineel

30 mei 1942. Keuringsdienst van Waren, Keizersgracht 732-734, Amsterdam. Den Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat, Amsterdam. AMSTERDAM, 30 Mei 1942

KEURINGSDIENST VAN WAREN
KEIZERSGRACHT 732-734
TELEFOON 37385

Verzoeke bij de beantwoording van dit schrijven datum en nummer aan te halen.

No. 7/4-7 K.W.
Str./dR.

Den Heer Directeur
van het Marktwezen
Jan van Galenstraat
A M S T E R D A M

Nº 20/11/2 M. 1942 2/6

Ter aanvulling van mijn telefonische mededeeling van gisterenmiddag bericht ik U, dat mij den laatsten tijd herhaaldelijk van het publiek gegronde klachten over de aardappelen hebben bereikt, over ziek en rot. Donderdag 28 Mei jl. heeft mijn keurmeester op schuiten aan de Markt groote hoeveelheden verbroeide aardappelen gezien. Deze werden gesorteerd en volgens zeggen van den heer van Es grootendeels voor veevoeder bestemd. Een klein deel was volgens zeggen de stad ingegaan voor algemeene distributie. Een klein gedeelte zou naar de Centrale Keukens gaan voor onmiddellijk gebruik. Dergelijke aardappelen gaan zeer snel verder achteruit en worden in enkele dagen geheel onbruikbaar. Vanmorgen werden de twee laatste schuiten op deze wijze gesorteerd. Ook het goede daaruit zal misschien over Zondag onbruikbaar worden en mogelijk voor gebruik op Dinsdag door de Centrale Keukens niet meer in aanmerking komen..

Blijkbaar zijn deze aardappelen te gemakkelijk door den rijkskeurmeester beoordeeld en ten onrechte voor de consumptie bestemd. De broei was in sommige schuiten reeds zoo sterk geworden, wellicht na de laatste inspectie door den rijkskeurmeester, dat ze zoo heet waren, dat de damp er afsloeg.

Ik vermoed, dat U intusschen wel persoonlijk of door tusschenkomst van den burgemeester om andere aardappelen zult hebben getelegrafeerd.

De Directeur [Handgeschreven handtekening: Kiw Strub (?)] Deze brief is een formeel rapport van de Amsterdamse Keuringsdienst van Waren aan de directeur van het Marktwezen. De kern van de zaak is de deplorabele toestand van de aardappelvoorraad in Amsterdam eind mei 1942.

De inspecteur stelt vast dat er grote hoeveelheden "verbroeide" aardappelen (aardappelen die door warmteontwikkeling in de lading zijn gaan rotten) op schuiten aan de Centrale Markthallen liggen. Er is sprake van een conflict in oordeelsvorming: de lokale keurmeester vindt de aardappelen ongeschikt voor menselijke consumptie, terwijl de rijkskeurmeester ze blijkbaar eerder had goedgekeurd. De directeur van de Keuringsdienst uit zijn grote zorg dat deze rotte aardappelen via de algemene distributie en de Centrale Keukens bij de bevolking terechtkomen. Hij benadrukt dat het proces van bederf zo snel gaat dat de partijen binnen enkele dagen volledig onbruikbaar zullen zijn. Het document dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en precair onderwerp.
1. Schaarste en Distributie: Voedsel was op de bon. De kwaliteit van wat er beschikbaar was, nam gestaag af. De "Centrale Keukens" werden tijdens de oorlog ingezet om grote groepen mensen van maaltijden te voorzien, vaak met beperkte middelen.
2. Transport: Aardappelen werden destijds veelvuldig per schuit vervoerd. "Broei" was een bekend probleem bij dergelijke transporten, zeker als de belading te dicht was of de reis te lang duurde, wat door oorlogsomstandigheden vaak voorkwam.
3. Bureaucreatie en Controle: De brief toont de spanning tussen verschillende overheidsinstanties (de lokale Keuringsdienst versus de Rijkskeurmeester). In een tijd van schaarste stond de controle op de volksgezondheid onder druk van de noodzaak om alles wat enigszins eetbaar was te gebruiken.
4. Rol van de Burgemeester: De suggestie om via de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) om betere voorraden te telegraferen, duidt op de politieke noodzaak om hongeroproer onder de Amsterdamse bevolking te voorkomen.

Samenvatting

Deze brief is een formeel rapport van de Amsterdamse Keuringsdienst van Waren aan de directeur van het Marktwezen. De kern van de zaak is de deplorabele toestand van de aardappelvoorraad in Amsterdam eind mei 1942.

De inspecteur stelt vast dat er grote hoeveelheden "verbroeide" aardappelen (aardappelen die door warmteontwikkeling in de lading zijn gaan rotten) op schuiten aan de Centrale Markthallen liggen. Er is sprake van een conflict in oordeelsvorming: de lokale keurmeester vindt de aardappelen ongeschikt voor menselijke consumptie, terwijl de rijkskeurmeester ze blijkbaar eerder had goedgekeurd. De directeur van de Keuringsdienst uit zijn grote zorg dat deze rotte aardappelen via de algemene distributie en de Centrale Keukens bij de bevolking terechtkomen. Hij benadrukt dat het proces van bederf zo snel gaat dat de partijen binnen enkele dagen volledig onbruikbaar zullen zijn.

Historische Context

Het document dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal en precair onderwerp.
1. Schaarste en Distributie: Voedsel was op de bon. De kwaliteit van wat er beschikbaar was, nam gestaag af. De "Centrale Keukens" werden tijdens de oorlog ingezet om grote groepen mensen van maaltijden te voorzien, vaak met beperkte middelen.
2. Transport: Aardappelen werden destijds veelvuldig per schuit vervoerd. "Broei" was een bekend probleem bij dergelijke transporten, zeker als de belading te dicht was of de reis te lang duurde, wat door oorlogsomstandigheden vaak voorkwam.
3. Bureaucreatie en Controle: De brief toont de spanning tussen verschillende overheidsinstanties (de lokale Keuringsdienst versus de Rijkskeurmeester). In een tijd van schaarste stond de controle op de volksgezondheid onder druk van de noodzaak om alles wat enigszins eetbaar was te gebruiken.
4. Rol van de Burgemeester: De suggestie om via de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) om betere voorraden te telegraferen, duidt op de politieke noodzaak om hongeroproer onder de Amsterdamse bevolking te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Eijpe Waterlooplein
A. Eijpe Waterlooplein x
A.J.M. Ruhe Waterlooplein
A. Lagendijk Waterlooplein
A.C. Lagendijk Waterlooplein Wehrmacht
A.C. Loogman Waterlooplein
A.C. Loogman Waterlooplein
A.C. Pagendijk Waterlooplein rijdt voor Wehrmacht
A. de Bruin Waterlooplein
A. de Knijper Waterlooplein
A.R. Kuiper Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
A. Bosse Waterlooplein
A.H. Geerts Waterlooplein
A. Hoogins Waterlooplein driewieler aard ± 10 H.L.
A.W. Schouten Waterlooplein
A.W. Schouten Waterlooplein
A Janna [...] Waterlooplein
A. Jansen Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
A. Wouters Waterlooplein
A.J. Pijnaker Waterlooplein
A.J. Pijnaker Waterlooplein
A.P. Tabak Waterlooplein
Aron Stodel Jr. Waterlooplein
A.P. Tabak Waterlooplein
A. Th. Boore Waterlooplein
A. Th. Sijperts Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →